Snelle fiets

Iets meer dan een half jaar geleden schreef ik een stukje over mijn speed-pedelec. Het inschrijven van de fiets verliep al bij al redelijk vlot. Dat kon niet gezegd worden van de eerste ‘echte test’ van 50 km. Een fiets moet je instellen op je lichaam, en dat was een stap die ik was overgeslagen.

Gevolg :  op een ritje van nog geen anderhalf uur reed ik mijn achillespezen aan flarden.

Met een bezoek aan een gespecialiseerde ‘bikefitter’ (die op basis van camerabeelden de positie van het stuur, de hoogte van het zadel en afstand tussen zadel en stuur bijstelt), ontstekingsremmers én drie maand ‘revalidatie’ was dat euvel van de baan. Begin mei reed ik eindelijk een eerste keer met de fiets naar ’t werk. Ondanks een belabberde fysieke conditie (wegens 3 maand in de lappenmand met achillespeesontstekingen) deed ik de afstand in beide richtingen sneller dan me ooit tevoren lukte.

Maar toen ik die avond thuis kwam, werd mijn enthousiasme opnieuw zwaar getemperd: een terugroepactie op de elektrische fiets wegens een constructiefout in de voorvork – die zou kunnen breken – verplichtte me de fiets opnieuw aan de kant te zetten en de mooie lente- en zomerdagen met de auto naar ’t werk te rijden.

Drie weken geleden werd de nieuwe voorvork eindelijk geleverd, en van de laatste 7 werkdagen heb ik er 5 met de fiets afgelegd. Op die fiets stappen doe ik met een grote glimlach. Ik kan dit vervoersmiddel werkelijk aan iedereen aanbevelen, het is gewoon ideaal voor woon-werkverplaatsingen. Natuurlijk zijn er dagen die minder geschikt zijn (felle wind, onweders), maar er zijn zoveel mooie dagen.

Gezien de lange afstand moet ik ‘zuinig’ omspringen met de batterij, maar zelf met mijn belabberde fysieke conditie haal ik een gemiddelde van 35km/h over een afstand enkele rit van 55 km. Wanneer ik terug echt fit ben, denk ik dat 36km/h haalbaar zou moeten zijn.

Bij die snelheden span ik me zelf dus wel in, indien ik niet wil zweten zou ik me moeten beperken tot een snelheid van 30 km/h, maar ik verkies intensief te sporten.

Voor mensen die zich spontaan vragen stellen rondom de veiligheid van ’t fietsen tegen snelheden van boven de 30 km/uur, met defensief rijden reduceer je die risico’s. Mijn traject met de fiets is aangepast, zodat ik gevaarlijke punten vermijd (straten met veel opritten van woningen bvb) en ik voel me met die fiets niet verplicht om altijd 40 km/h te rijden. Nadenken en anticiperen mag ook op de (snelle) fiets. Ook andere fietsers hoffelijk inhalen blijkt mogelijk op een speedbike.

Ik hoop dit jaar de teller op de fiets boven de 1500 km te krijgen, dat zal wat afhangen van ’t weer begin september, want de komende weken heb ik verlof.

Druiven

Helemaal rijp zijn ze nog niet, maar dat is nog een kwestie van enkele dagen tot weken. Aan de meeste druivelaars flink wat trossen druiven. Enkele planten zijn bij de vorst sterk ingevroren en zullen dit jaar geen oogst opleveren, maar toch zal ik over de komende weken ergens tussen de 50 en de 100 kg druiven oogsten.

DS1_3321

Na het natte voorjaar van vorig jaar oogstte ik amper druiven, de volledige oogst ging verloren aan schimmels. Daarom heb ik dit jaar iets agressiever ontbladerd, en de zomersnoei in zijn geheel meer plichtbewust uitgevoerd.

DS1_3320

Eerste Gezicht Jaargang 5 / Augustus

1 Augustus 2017. Nog eens een overzicht van hoe de tuin erbij staat.

Voortuin.

In de voortuin domineert het paars van  Verbena bonariensis, begeleid door Cephalaria gigantea.

De rambler, tegen de gevel, is ondertussen met een poging bezig om het huis te overwoekeren.

Slideshow : Evolutie http://supermasj.zenfolio.com/p898793373/slideshow.

Nectartuin

De nectartuin is nu volop in kleur. Achter de vlinderstruik zie je een deel van de Veronicastrum die dit jaar voor ’t eerst weelderig bloeit. Nog links daarvan staart een veldje van 6 m² Eupatorium in volle bloei.

Slideshow : http://supermasj.zenfolio.com/p692170129/slideshow

Terras

Rond het terras is staat er heel wat in bloei, meer neigen de kleurtjes nu meer naar wit dan geel . Een rijke appeloogst aan de appelaar…

En : http://supermasj.zenfolio.com/p627678542/slideshow

Tuin achter de woning

Het gras heeft zich nog altijd niet hersteld van de droogte. Er staat eigenlijk heel wat in bloei, maar dat zie je niet op deze foto.

http://supermasj.zenfolio.com/p964328696/slideshow

Vijver

De vijver is weer wat meer begroeid, maar rondom blijft alles kaal door de droogte. Ook het wateroppervlak is weer iets meer bedekt (maar nog lang niet genoeg).

Bloemenweide

De bloemenweide is langzaamaan aan ’t ‘uitdoven’. Ik denk dat ik over maximaal één maand alles zal platmaaien.

Schaduwtuin

Geen foto deze maand

Voilà : http://supermasj.zenfolio.com/p574527728/slideshow

Pruimenhaag

 

Geen foto deze maand

Met de bijhorende slideshow http://supermasj.zenfolio.com/p1045601173/slideshow

Haarapparaat

Over het zeisen heb ik hier al eerder een stukje geschreven. Een zeisblad wordt op twee manieren scherp gehouden: door te wetten en te haren. Het wetten (met een wetsteen) doe je om de 5 – 10 minuten terwijl je aan ’t zeisen bent, en neemt enkele luttele seconden in beslag. Het haren, waarbij het snijvlak van de zeis met een haarhamer wordt platgeslagen met kleine hamerklopjes (zodat het harder en scherper wordt) neemt toch makkelijk een kwartier in beslag, maakt een hels geluid en is een aanslag op mijn elleboog. Een zeis haar je om de 4 tot 8 uur (hangt wat af van het gebruik).

DS1_3412
Het zeisblad wordt tussen beide aambeelden getrokken en zo gehaard.

Enkele weken geleden zag ik dat er ook een haarapparaat bestaat. Een kleine pers waarmee je steeds een stukje van de zeis tussen twee aambeelden klemt. In een aantal opeenvolgende bewegingen bekom je zo een uitstekend resultaat, waarbij het haren ook een pak sneller verloopt.

Na een vakkundige uitleg van de verkoper heb ik mijn zeisblad eens flink onderhanden genomen, met een uitstekend resultaat tot gevolg. Voor lezers die geregeld een zeis gebruiken: dit is een absolute aanrader. Het toestel is wel redelijk duur maar absoluut zijn geld waard wat mij betreft.

Je kan met dit toestel vrij eenvoudig sturen hoe je wilt haren, maw hoe breed je het gehaarde oppervlak wil hebben.

 

Haag

“Scheer jij je hagen niet?” vroeg een vriendin van mijn vrouw vorige week vrijdag tijdens een fietstocht.

Dat was dus een werkje dat zaterdag was ingepland. Ik snoei bewust niet vroeger in ’t jaar, en de reden daarvoor zie je op de foto hierboven. Hagen vormen een ideale broedplek voor heel wat vogels en die wil ik niet verstoren. Dus snoei ik pas einde juli. Ik vind ieder jaar tijdens het snoeien enkele (lege) vogelnesten terug, vroeger op ’t jaar zouden die nog bewoond zijn… .

In mijn tuin staan heel wat hagen. Die leveren veel haagscheerwerk met zich mee. De voorbije jaren behielp ik me met een elektrische heggenschaar van Metabo die ik van mijn grootvader zaliger erfde. Maar het gedoe met de stroomkabel is bij zo’n elektrische heggenschaar een probleem. Je moet voortdurend uitkijken of je met de heggenschaar je kabel niet inkort. Het geeft veel gesleur aan die lange kabel, en in the end snij je toch door de kabel. Dat betekent wat knutselwerk met het inkorten van de draad alvorens je opnieuw aan de slag kan. Om dan nog te zwijgen van de talloze keren dat je de stekker van de heggenschaar uit ’t stopcontact van de verlengkabel trekt.

Het was dus uitkijken naar een alternatief. Tot voor kort bestond er maar één alternatief: een heggenschaar op benzine, maar die dingen maken een teringherrie en de uitlaatgassen zijn ook niet direct een pretje. Met de vooruitgang in accu-technologie is daar verandering in gekomen.  Vorig jaar kocht ik me een accu-heggenschaar van een gekend merk.

Ik kan nu probleemloos twee uren hagen scheren op één batterijlading. De snellader laadt de batterij daarna in een half uurtje tijd op. De geluidshinder is vergelijkbaar met die van een gewone elektrische heggenschaar, gehoorbescherming dragen blijft dus aangewezen. Maar: ik moet me absoluut geen zorgen meer maken over die vervelende elektrische kabel, zodat het hagen scheren ook een heel pak sneller verloopt.

Zwanebloem

Ik had hier al eerder aangegeven, ik wou absoluut Butomus umbellatus (zwanebloem) in mijn vijver tot bloeien krijgen. Het is wat mij betreft de mooiste inheemse waterplant maar een plant die het vaak slecht doet in de vijver, omdat de plant graag in rijke grond staat, in leem of kleigrond en dus niet in substraat of te kleine bemeten plantenmandjes. De planten zijn hier dit jaar op een 50-60 cm hoogte blijven ‘steken’, de bloemstengel is 70 cm hoog. In theorie kan die stengel meer dan 100 cm hoog groeien.

DS1_3305

Dat enkele planten in hun eerste groeijaar bloeien, is voor mij een verrassing,  en geeft aan dat het plekje dat ik hen heb toegewezen ze enigszins bevalt. Ik zie de plant trouwens ook al enkele uitlopers maken, nog een positief teken.

De enkele bloemetjes die nu bloeien lokken meerdere insecten aan.

DS1_3316

Maar één zwaan zwaluw maakt de lente niet.  Hopen dat de plant dus ook de volgende jaren flink doorzet.

DS1_3313

Zwanebloem is een inheemse waterplant die beschermd is en op de rode lijst is opgenomen, maar net zoals de plant van de maand is ook zij de Atlantische oceaan overgestoken en gedraagt ze zich daar niet zo netjes, vooral in de regio van de grote meren. Ze blijkt er te overleven in water tot 3 meter diep, en breidt zich uit via wortelstokken én via zaden die op ’t water blijven drijven. Met haar enthousiaste groei hindert deze frêle schoonheid zelfs scheepvaart.

In de vijver zou je de beste resultaten halen wanneer de planten 5 – 10 cm onder water staan.

Verandering

De veranderingen in de tuin over de voorbije jaren zijn groot, dat zie je iedere keer weer in ’t Eerste Gezicht. Maar op deze plek is er op een jaar toch wel enorm veel veranderd, ten goede.

De foto hieronder is van uit een bijna vergelijkbare hoek gefotografeerd, in 2012. Een foto van vorige zomer heb ik niet, De fruitboompjes waren toen gegroeid, net zoals de haag, de plek achter die haag was eigenlijk een verloren plekje gras. In 2016 waren er nog extra boompjes bijgekomen en het werd het gras er minder netjes afgereden, maar verder was er weinig  verschil met de situatie van 2016

DS0_5028

Door die haag weg te halen, de bloemenweide verder door te trekken, en met de vijver erbij is dit één van de mooiste stukken van de tuin geworden. Ook vanuit de andere kant is de situatie er flink op verbeterd.

DS1_1999

Alleen dat platgetreden looppadje, links van de vijver, nog wegwerken.

DS1_3307

Plant van de maand Juli: Lythrum salicaria

Deze maand valt de eer te beurt aan Lythrum salicaria, een inheemse schoonheid die je vaak ziet staan aan beekranden en oeverranden, maar die ook goed gedijt in (natte) graslanden. Het is een zeer makkelijke tuinplant die ik zowel aan de vijverrand heb aangeplant als in de nectartuin (als borderplant), en die zich ‘redelijk’ vlot uitzaait. Er bestaan een aantal ‘steriele’ cultivars, zo heb ik ook Lythrum salicaria ‘Dropmore Purple’ staan, maar deze steriele cultivars zijn niet 100% steriel volgens mij (want ik tref toch af en toe een zaailing aan in de buurt van die planten). De foto’s die je hier ziet  zijn allemaal foto’s van Lythrum salicaria, en niet van die ‘Dropmore Purple’.

DS1_2967
Ik moet het zonder de tientallen citroenvlinders van Ludo (muggenbeet) doen hier, en me behelpen met een hommel.

De plant is een uitstekende nectar- en stuifmeelleverancier voor bijen en andere insecten. Zo is deze plant ook in Noord-Amerika verspreid geraakt waar zij  zich als een uitermate invasieve exoot heeft uitgebreid en kanalen en waterlopen helemaal volgroeid geraken door deze plant. In Europa wordt de expansie van deze plant onder controle gehouden door een aantal keversoorten die parasiteren op deze plant, door de afwezigheid van deze kevertjes op het Amerikaans continent overwoekert de plant er zelfs lisdodde. Enkele van deze keversoorten worden op dit ogenblik ingezet als biologische controlemaatregel, om de bijna 200 000 ha moerassen en natte graslanden die in Noord-Amerika ieder jaar worden ingenomen  door de ‘Purple Plague’,  te bevrijden van deze gesel.

Hier moet ik me in ieder geval geen zorgen maken over deze plant (op wat wieden niet te na gesproken). De plant is een waardplant voor het boomblauwtje en een drachtplant voor de grote vuurvlinder (maar de kans dat ik die laatste in mijn tuin ga aantreffen is quasi nihil).