All posts filed under: Natuur in de tuin

Eco-tuindagen

Onze tuin doet dit jaar opnieuw mee aan de eco-tuindagen van velt op 2 en 3 juni 2018. Ik denk dat ik daarna iets minder frequent ga deelnemen. Geïnteresseerden zullen na deze deelname al drie keer de gelegenheid hebben gehad om de tuin te bezoeken, en ik vermoed dat de interesse daarna langzaam zal verminderen. In de nabije omgeving nemen in totaal 11 tuinen deel. De ambitie van de afdeling velt-Tienen om een fietslus te organiseren werd door het grote grondgebied én het talrijk aantal inschrijvingen in onze afdeling gefnuikt. De kortste lus tussen al deze tuinen was bijna 100 km lang. Wanneer je dan ook nog eens 11 tuinen dient te bezoeken, wordt het een tweedaagse fietstocht. Wel bieden we als afdeling 5 fietslussen van 22 tot 40 km die 3 tot 7 tuinen met mekaar verbinden. Maar daarover krijg je de komende weken zeker nog meer informatie.  

Distel

Sinds vorig jaar zijn we niet meer verplicht om distels uit te steken in onze tuin. De Raad van State besliste – in het voordeel van natuurpunt – dat distels niet langer moeten bestreden worden door landeigenaars. De Raad van State nam deze beslissing omdat de federale overheid zich in 1987 aan een bevoegdheidsoverschrijding bezondigde bij het opstellen van een KB,  aangezien natuurbescherming (en dus ook bestrijding van wilde planten) was al sinds 1980 een bevoegdheid van de gewesten. Deze situatie is waarschijnlijk tijdelijk, want een studie van het wetenschappelijk comité van het Federaal Voedselagentschap acht nieuwe wetgeving noodzakelijk die het bestrijden van distels ‘over het hele grondgebied’ zou verplichten. Goed om te weten dat het FAVV  zich met hoogdringendheid over de noodzaak van het bestrijden van distels kan buigen, vele malen belangrijker dan fipronil in onze eieren en het bedorven vlees in de winkelrekken. De oorspronkelijke reden om distels te bestrijden is volgens mij ook achterhaald: landarbeiders hebben een verhoogd risico op tetanus wanneer er distels op het veld staan. Tenminste wanneer ze op blote …

Dagvlinders in Vlaanderen

Wanneer mensen me een tip vragen voor een cadeau op ’t einde van ’t jaar, geef ik ze vaak een lijstje met boeken op, dikwijls natuurgidsen. Dit boek kocht ik eind vorig jaar, ik wou het al een tijdje kopen en het stond in promotie in de Natuurpuntwinkel.  Het boek wordt als het standaardwerk over vlinders beschreven en is niet minder dan 543 pagina’s dik. Het bevat, naast de mooie foto’s, ook heel wat informatie. Voor mensen die meer willen weten over vlinders een onwaarschijnlijk leuk boek.  

Gedaan met voederen

Enkele maanden geleden volgde ik een uiteenzetting van een doctor in de biologie die stadsvogels onderzoekt. Dat niet alle stadsvogels het goed doen, weten we maar al te best. De evolutie van de stadsvogel bij uitstek, de huismus is daar bij uitstek een voorbeeld van. De vogel is op véél plaatsen verdwenen, maar ook met de mezen gaat het duidelijk bergaf. Sinds het einde van de jaren 80 zien we de eerste eidatum van 110 dagen zakken naar 100-105 dagen in de periode daarna. Dit is waarschijnlijk te wijten aan de zachtere winters. Het effect is in stedelijke gebieden nog versterkt, waar de eerste eidatum nog eens ongeveer 5 dagen vroeger valt. In de warmere winters valt die eerste eileg na 90 dagen. Deze vervroeging van de leg zorgt voor een desynchronisatie met de voedselketen: de jonge koolmezen komen te vroeg uit waardoor er onvoldoende voedsel voor de jonge vogels ter beschikking is. Het reproductief succes daalde daardoor met 20%: van 80% naar 60%; terwijl de legsels in dezelfde periode ook kleiner werden. ,In steden is …

Maaien

Het voorbije week-end werd de zeis nog eens bovengehaald. Zaterdag om mee te helpen met het maaibeheer in een natuurgebied, zondag om mijn bloemenweide kort te zetten. Door de bloemenweide nu extra kort te maaien, geef ik de gelegenheid aan zaailingen van rozetvormende planten om zich gedurende de winter goed te ontwikkelen. Dit was een tweede maaibeurt, waarbij alle plantmateriaal onmiddellijk werd afgevoerd, met het oog op het verarmen van de bodem. Met de aanwezigheid van de vijver is het nu wel extra uitkijken naar groene en bruine kikkers die in het graslandje vertoeven…

Klimop

De klimop staat weer volop in bloei. Net zoals de voorbije jaren levert dat weer een gegons van jewelste op in de buurt van de klimop in de nectartuin. Vlliegen, wespen, vlinders genieten vol enthousiasme van de nectar en ’t stuifmeel van deze onbeduidende bloemen. Net zoals de voorbije jaren zie ik opnieuw klimopzijdebijen. Dit is een solitaire bij die zich specialiseert in nectar en stuifmeel van klimop . Dit jaar zie ik wel veel meer exemplaren van dit diertje dan vorig jaar, altijd leuk om zoiets vast te stellen.

Vlinders

Ondertussen is het al 10 dagen rotweer voor vlinders en andere insecten. Twee weken geleden zag het er naar uit dat we nog een mooie derde generatie vlinders zouden krijgen, ondertussen is het voor die derde generatie niets dan kommer en kwel. Op de foto hierboven zie je Eupatorium maculatum in de nectartuin, een Amerikaanse verwante van het inheemse E. cannabinum. Deze plant was begin dit jaar helemaal afgevreten door de slakken, maar is nadien alsnog teruggekomen en bloeit dit jaar een maand later dan normaal. De planten zijn ieder jaar opnieuw een magneet voor vlinders en dat is dit jaar niet anders. Geen enkele andere plant is zo populair bij vlinders. De foto dateert van bijna twee weken geleden. Ik telde die dag 11 landkaartjes, 20 dagpauwogen, meerdere blauwtjes, een tiental koolwitjes, atalanta’s en 2 kleine vuurvlinders in de nectartuin. Wanneer ik die aantallen vergelijk met de bloemenweide achterin de tuin, met een vergelijkbaar oppervlak waar ik uitsluitend inheemse planten laat groeien, moet ik vaststellen dat daar beduidend minder vlinders te vinden zijn (op echt …

Beestjes

Nogmaals de kleine vuurvlinder, maar deze keer een jong dier, met veel diepere kleuren dan het exemplaar dat ik enkele dagen geleden op de gevoelige plaat vastlegde. Ook een ‘verse’ Gehakkelde Aurelia. Bij geen enkele andere vlindersoort vind ik het verschil tussen een jonge en een wat oudere vlinder zo sterk als bij deze. Het blijft wel een vlinder die slechts in kleine hoeveelheden in de tuin voorkomt. Het warme weer van de voorbije dagen zorgt in ieder geval voor een sterke stijging van het aantal vlinders. Terwijl ik enkele dagen geleden de eerste ‘nieuwe’ dagpauwoog zag, tel ik er nu al 10. Ook erg talrijk op dit ogenblik: de landkaartjes, ik telde eind vorige week 6 stuks. Landkaartjes hebben hier een voorkeur voor inheemse Eupatorium (die ondertussen wel bijna uitgebloeid is), ook al bezoeken ze zo nu en dan eens een aster. De typische mengvorm die vaak zou voorkomen in de derde generatie heb ik nog niet gezien. Eupatorium, is net als al die andere planten, niet helemaal zonder gevaar. Eén van de landkaartjes, gevangen …