Compostzever

Aangezien de grond nog steeds bevroren is hebben we vandaag nog verder geknutseld in de tuin… Toen we twee jaar geleden verhuisden, verhuisde de inhoud van de compostbak mee. Ondertussen is de eerste compost voldoende gerijpt om aangewend te worden in de tuin. Tijd om een compostzeef te maken, zodat ik het kaf van het koren kan scheiden. De zeef is een bak, ondersteund door 8 wieltjesdie over een tafel heen kan rijden. In gebruik is dit erg makkelijk : Je gooit die bak vol met compost, rolt de bak enkele keren heen en weer over de tafel, en de compost valt door het gaas. De grote stukken blijven liggen. Natuurlijk is het handiger wanneer je dat zeven uitstelt tot wanneer de compost niet langer bevroren is, maar ’t werkt erg vlot. Heel de constructie pas perfect in één van de vier compostbakken, maar dat is slechts een tijdelijke oplossing, aangezien die bak dit jaar echt nodig ga hebben in het composteringsproces. Op die laatste foto lijkt hele de constructie schots en scheef, maar in dit deel van de tuin is de bodem niet erg vlak, dit dank ik aan een gezamelijke inspanning van Mijnheer Mol en Woelmuis.

Werkonderbreking

Het oorspronkelijk plan was om dit week-end nog enkele haagplanten aan te planten én de bamboebegrenzer aan te brengen om de bamboe van de buren uit onze tuin te weren.
Maar me de vorst van de voorbije dagen was dat niet mogelijk. Bovendien lag er vandaag nog een laagje sneeuw, zodat ook de alternatieve plannen in het water vielen.

Veel meer dan de vogeltjes tellen was er in de tuin niet te doen. Of toch wel? Het tuinplan voorziet een plekje voor een flink insektenhotel. Ik heb bij de graafwerken voor de regenwaterputten zelfs wat zuivere leem uit de grond opgeslagen voor dat hotel. Maar zo’n hotel wil ik absoluut in onbehandeld hout maken, en dat had ik niet voorhanden. En met dit weer? Toch meer een werkje om uit te voeren onder een lentezonnetje.

Ik keek naar buiten en zag de oude boomstronk in de tuin en dacht bij mezelf… daar kan ik ook een hotel van maken. Bovendien staat die stronk midden in de toekomstige bloemenweide. Beter kan niet eigenlijk. Gewapend met schroefboormachine en mijn boortjes van 3-4-5-6-8 mm doorzeefde ik de boomstronk. Ik ben eens benieuwd of de solitaire bijen tevreden zijn met deze huisvesting. Ik heb ook enkele gaten rechtstreeks in de schors geboord, benieuwd wat onze gevleugelde vrienden hier van gaan vinden.
Voor de zomer plaats ik in ieder geval een nieuwbouwcomplex, want dit hotel gaat geen jaren meer meegaan…
Ik ga als het wat droger is wel nog eens alle gaatjes uitblazen met een compressor.

Morgen heb ik een dag verlof genomen. De eeuwige optimist in me hoopt in ieder geval morgennamiddag in de tuin te kunnen werken

Verhuis

Het is ondertussen al bijna een maand geleden dat de Fruitberg verhuisde van blogger naar WordPress. Het spreekwoord zegt ‘Nieuwe bezems vegen schoon’, even kijken of dat kloptTen eerste vind ik de stijl van de nieuwe blog beter dan de oude. Bovendien zijn er een heleboel extra toeters en bellen, en laat me maar toegeven, daar houd ik wel van. Ook zijn er wat meer gegevens beschikbaar wat betreft de statistieken (geschiedenis van het aantal bezoekers van één pagina doorheen de tijd, het aantal clicks naar andere websites vanaf mijn site, het aantal bezoekers en het aantal pageviews,…). De statistieken zijn ook een stuk coherenter dan bij blogger  Dynamic views (waar mijn aantal pageviews verdubbelde door van lay-out te veranderen).
Bovendien is niet langer 40% mijn bezoek afkomstig uit de Verenigde Staten.  Is dat belangrijk. Natuurlijk niet. Niemand klaagt nog over moeilijkheden om te reageren, dat vind ik wel fijn. Ook krijg ik geen melding meer wanneer ik zelf reageer op een bericht.

Zijn er dan geen nadelen aan het leven in WordPress-land? Toch wel. De lay-out van een bericht verzorgen is wat minder evident in WordPress, maar ’t schept ook extra mogelijkheden. En ik mis sommige instellingen van enkele blogger-widgets. Ook zijn sommige navigatieopties iets minder logisch.

Een logisch gevolg van de verhuis : er komen nog altijd meer mensen via zoekopdrachten op mijn oude blogger site terecht dan op de nieuwe WordPress blog. Maar dat zal na verloop van tijd wel veranderen.

Zou ik andere mensen aanraden om over te stappen. Neen. Helemaal niet. Tenzij ze daar zelf zin in hebben. Heb ik spijt van mijn overstap. Evenmin. Dus het afraden zou ik ook niet doen. Uiteindelijk had ik nog een andere motivatie om over te stappen.

Stap voorwaarts

Eindelijk een week-end met een weertje dat toelaat om flink vooruitgang te boeken. Ik heb dit week-end zowat heel de tijd doorgebracht in de tuin, en me dat ook geen moment beklaagd.

Bamboehaag

Zo werd gisteren de haag rond de schaduwtuin aangelegd. Om niet overal beuk te gebruiken, werd er voor dit deel van de tuin gebruik gemaakt van Carpinus betulus, haagbeuk dus. Ik heb hier een tussenafstand voor de planten van 50 cm gebruikt.

Haagbeukhaag rond schaduwtuin

Ook werd ook nog een bescheiden houtkant aangeplant bestaande uit Viburnum opulus, Cornus mas, Cornus sanguinea, Ilex aquifolium, Amelanchier ovulis, Sambucus nigra, Prunus padus, Sorbus aucuparia , Frangula alnus, Euonymus europaeus en Rosa canina. De bedoeling is een twaalf meter lange en twee meter brede, struikenborder te creëren. Deze houtkant zal zowiezo aansluiten bij de brede struikenborder van de buren.,

Houtkant

Vorige week werd hier een waterput aangesloten. De voortuin was daardoor herleid tot een zompig maanlandschap. Vandaag is dat grotendeels hersteld, maar het oud Chinese gezegde ‘Eén graafmachine graaft meer dan honderd schoppen’ werd nogmaals bevestigd.

Perzik ‘Avalon Pride’ de laatste fruitboom die in de tuin moest aangeplant worden

Om uit te rusten werden die graafwerken tijdig onderbroken, om enkele van  mijn aanwinsten van de Ronde Van Vlaanderen aan te planten in de tuin. De grond was zondagnamiddag voldoende ontdooid om de Phyllostachys aan te planten (nadat alles mooi aangeaard werd). Ook de Fargesia en de Magnolia’s werden uitgeplant.

Phyllostachys aureosuculata

Ook de laatste perzik werd aangeplant (zowaar een officieel moment: de ten aarde lating van de laatste fruitboom). Verder werden ook de appel- en perenbomen én de kruisbessen gesnoeid als pauze voor het zwaardere werk.

Een gesnoeide drietakker kruisbes

Toch een plezier om met zo’n weer te werken in de tuin, werken is het zelfs niet, ’t is gewoon genieten. Enfin, als je zo wat doordoet zweet je wel, maar dat is niet anders bij sporten. Moe; tevreden en voldaan kijk ik uit naar volgend week-end. En ondertussen hoop ik dat het heel de week droog blijft, want ’t is hier wreed nat. Toen ik de vastgelopen modder probeerde om te keren met mijn woelvork heb ik de boog geforceerd…

Woelvork geplooid door mijn brute kracht

Wintersnoei Aalbessen in haag

Enkele jaren geleden zag ik bij een tuinliefhebber enkele aalbessenstruiken, gesnoeid in haagvorm. Zoveel bessen!  Zelfs een tuincentrum durft haar kerstbomen niet zo overladen. Het contrast met de opbrengst van de traditionele, ongesnoeide aalbesstruiken was enorm.

Ik zou mijn aalbessen in de nieuwe tuin dus ook zo snoeien. Na een beetje naslagwerk leerde ik al snel dat je een aalbes ook perfect als struik kan snoeien, maar de aalbessenplantages die ik ontdekte op mijn fietsroute bestonden ook allemaal uit aalbeshagen, en waren een ware lust voor het oog. Eerlijkheidshalve: het laat me ook toe om meer rassen te planten op een zelfde oppervlak.

Vorig jaar heb ik een beetje een valse start genomen, omdat ik de aalbessen een beetje verwaarloosd heb. Door het uitzaaien van een bloemenweide tussen de aalbessen heb ik de planten deze zomer onvoldoende gesnoeid.

Onder aalbessen verstaan we rode, roze en witte trosbessen. De snoeitechniek voor zwarte bessen (‘Ribes nigrum’) is anders en zal in juli besproken worden, omdat ik mijn zwarte bessenstruiken snoei tijdens het oogsten.

De snoeiprincipes voor haag en struik zijn in beide gevallen vergelijkbaar: stimuleren van eenjarige zijscheuten en verwijderen van oude gesteltakken, omdat je zo de mooiste trosjes kweekt. Maar de uitvoering is toch fundamenteel verschillend. Ik bouw nu dus de haag op, dit snoeien in haagvorm is voor mij nieuw, en ik leg hierbij de principes uit die ik volg…

De gesteltakken worden op een afstand van ongeveer 35 cm omhoog geleid. De uiteindelijke hoogte in mijn tuin zal 160 cm bedragen (= hoogste draad). In theorie kan dat nog iets hoger, maar daarvoor zijn mijn palen onvoldoende hoog. Ieder gesteltak moet ondersteund worden door een bamboestok, zodat de tak mooi naar boven groeit, maar door de verwaarlozing vorig jaar is dat er niet van gekomen. Daar ga ik één dezer zeker werk van maken.
Planten waarvan de gesteltakken voldoende zijscheuten opleveren snoei ik niet in. Bij planten die geen of amper zijscheuten maken snoei ik 2/3 van de nieuwe groei weg om de productie van zijscheuten te bevorderen. Ik snoei dan vlak boven een oog, en de scheut die uit dat oog opgroeit zal ik opnieuw omhoog leiden.

Bij aalbessen is de toe te passen snoeitechniek afhankelijk van het aangeplante ras: er wordt onderscheid gemaakt tussen korte snoei en lange snoei. Ook bij haagvorm moet je daar rekening mee houden. Ik probeer die principes een beetje te volgen maar ben nog een beetje aan ’t experimenteren. Na enkele jaren zal ik dan wel inzien wat het beste werkt. Ik snoei rassen/planten die erg snel groeien volgens lange snoei, de wat tragere groeiers met korte snoei.

Een aalbes waar ik nog geen bamboestokken ter ondersteuning heb gezet. Nu eerst even snoeien, volgende week zet ik er wel bamboesteunstokken bij zodat de stokken ook wat uit mekaar getrokken worden
Een aalbes die lang gesnoeid wordt. Eerst moet het aantal gesteltakken teruggezet worden tot 3
Daarna worden de verschillende takken teruggezet. Hout dat naar binnen groeit wordt weggehaald. Ook de gesteltakken worden ingekort wegens te weinig vertakkingen.
Het eindresultaat. In theorie moet ik het vruchthout wat hoger laten groeien, maar zolang de plant niet wat hoger is …

 

 

Invasieve exoot?

Enkele bloglezers lieten me enkele dagen geleden dat ze het niet zo hadden op bamboe, een standpunt waarvooor ik absoluut begrip kan opbrengen. Zelf weer ik twee andere ‘normale’ planten uit de tuin.
De eerste heb ik zelf een tijdje geleden al geschrapt uit mijn tuinplan. De vlinderstruik (Buddleja davidii). De plant staat op de bewakingslijst van de invasieve exoten. Zelf ben ik daar enigzins pragmatisch in, maar in mijn tuin merk ik toch dat de plant in mijn omgeving een echt probleem vormt. Ik verwijder ieder jaar tientallen zaailingen. Hieronder een foto van de oogst van ’t week-end. De vlinders zullen ’t hier moeten doen met andere bloemen en planten.

Ook de Amelanchier lamarckii blijkt een probleem te vormen in onze streek, en ik ken hier enkele plaatsen waar deze plant echt woekert. Met pijn in het hart heb ik deze plant geschrapt.

Verder duikt de Japanse duizendknoop hier in de buurt op enkele plaatsen op, enkele honderden meters verderop staat er zelfs een heel veld van deze plant. Geen haar op mijn hoofd dat er ooit maar aan dacht om deze plant op te nemen in de tuin.

Rotweer

Al enkele weken is het of té nat of té koud, en meestal beiden samen.

Ik had vandaag en gisteren verlof genomen om wat verder te werken in de tuin (met hulp van de kinderen), maar door de vorst van de voorbije dagen is de grond veel te hard bevroren om te planten. Zo blijft mijn to-do lijstje angstvallig lang, en de tijd om ze uit te voeren blijft inkorten.

Uit miserie heb ik dan gisteren nog wat verder gewerkt aan het tuinscherm en de rhizomenbeschermer voor de bamboe geplaatst. Vandaag heb ik de bijkomende rekken voor de aardbeibakken in mekaar geknutseld. Dat zou een perfect werkje geweest zijn voor een zonnige lentedag in april, maar was nu zo nog wat ’t enige dat ik kon uitvoeren. En zelfs dat was relatief, want de pret was ook daar helemaal af toen het begon te hagelen…

Voor dit week-end voorspelt men droog weer zonder vorst. Vanaf maandag zou het droog blijven maar opnieuw erg koud worden, zodat opnieuw twijfelachtig wordt of er écht nuttig werk kan geleverd worden in de tuin.
De lente is oh zo dicht bij maar toch nog veraf.

Bamboe

Veel mensen houden niet van deze woekeraars. Ik wel. De planten zijn wintergroen en zien er heel het jaar door goed uit.

Phyllostachys aureosuculata var ‘Aureocalis’

Ik wend op twee plaatsen bamboe aan in de tuin, als haag. Phyllostachys aureosuculata var ‘aureocaulis’ is aangeplant achter het geluidsscherm om onze tuin af te schermen van de straat. Op termijn zou deze woekeraar 6-7 m hoog worden, met mooie gele halmen die ongeveer 30 mm dik worden.
Zonder wetten en praktische bezwaren zou ik hier zeker een Phyllostachys vivax planten, met zijn halmen die wel 50 mm dik worden een onwezenlijk mooie plant. Maar die wordt wel 10 m hoog, en ik wil ook de buren te vriend houden, vandaar de keuze van een iets minder indrukwekkende plant..

Fargesia sp. Jiuzhaigou

Fargesia sp. Jiuzhaigou 1is een vrij recente introductie, net zoals alle andere Fargesia een niet-woekerende bamboe waarvan de jonge halmen in het voorjaar rood verkleuren door het zonlicht. Hij is ideaal als haagplant want hij groeit mooi rechtop tot 250 cm hoogte. Hij moet op termijn het lelijke garage-gebouw permanent uit het zicht verbannen.

Beide soorten zijn ook uitgekozen omdat ze zeer winterhard zijn, en niet invriezen zoals andere, vaak meer courant verkrijgbare variëteiten.

Zoals hierboven aangegeven, de eerste bamboe is een echte woekeraar en moeten dus geplant worden met rhizoombegrenzer.

Dat betekent eerst een greppel van 50 cm diep graven, rondom. Ik heb de aannemer die hier de oprit kwam aanleggen gevraagd om deze greppels te graven, met zijn bobcat. Dat gaat net iets sneller.

Dit is de buitenzijde van de folie, hier is wel een kort stuk overlap, maar dat komt aan de buitenzijde van de begrenzer

Daarna wordt de rhizoombegrenzer aangebracht en afgemeten. Daarna de folie terug uit de put halen, mooi recht afsnijden en vastklemmen met een speciaal daarvoor ontworpen gegalvaniseerde klem, waarbij de klem en het einde van de rhizoombegrenzer perfect samenvallen (zodat er geen rhizomen tussen kunnen groeien). Daarna de rhizoombegrenzer terug in de greppels zetten, en volgooien met grond.

De binnenzijde is zonder overlap afgewerkt
Voila

De rhizomenbegrenzer steekt 10 cm boven de grond uit, zodat ik makkelijk kan controleren of de plant niet over de rhizoombegrenzer groeit.

Met deze vrieskoude is het onmogelijk om dit mooi af te werken. Ik wacht dus tot de dooi om dat te doen (en om de bamboe te planten).

De Phyllostachys die ik 15 jaar geleden plantte in mijn eerste tuin staat er nog altijd, en hij is nog steeds niet ‘uitgebroken’. Ik heb er dus het volste vertrouwen in.

Maar ik ben dan ook een optimist.