Bloesem

Deze Prunus cerasifera ‘nigra’ staat op de scheiding van mijn tuin met die van de buren. Hij levert ieder jaar opnieuw als eerste een masse fruitbloesem op en veel nectar voor de hommels op warme dagen. Ik vermoed niet dat ze daar de komende dagen veel van gaan genieten.

Twee jaar geleden scheurden verschillende takken van deze boom onder het gewicht van de vruchten (vruchten met het uitzicht van een kers, maar met een lange pruime pit), waarvan de vogels weinig eten.

Nog een andere vroege bloeier in de tuin, is deze Ribes sanguinem. Deze struik staat bij (een ander buur) op de grens met onze tuin. Ook deze struik wordt veel bezocht door insecten.

Parels

Vanmorgen opnieuw erg vroeg gestart met werken in de tuin. Met zo’n koud en nat weer is ’t plezier om in de tuin te werken ver weg.

En ook al is ’t leven mooier wanneer de zon schijnt, hier en daar geeft het natte weer toch fraaie beelden op

Waterdruppels schitteren als bloemknopjes in deze kale takken

Hoogstamgeknutsel

“Waar zijt ge nu toch weer aan ’t doen” vroeg MadaMasj toen ik binnenkwam.

“De gesteltakken van de appelboom aan ’t uitbuigen, om ervoor te zorgen dat we een mooie boomvorm krijgen” zeg ik vol enthousiasme.

MadaMasj zucht eens diep. Maar over drie maanden mag die lelijke groene bindgein al weg en ziet de boom er een pak beter uit.

Iemand van Velt vertelde op de cursus dat je zowiezo één boompaal moet plaatsen wanneer je een boom plant. “Als je rijk bent zet je er twee, want dat is nog beter. En wanneer je er drie zet, werk je in opdracht voor de gemeente”.

Ik gebruik zelf maar één boompaal. op de boompaal heb ik een dikke plank vastgeschroefd met twee schroeven van 8 x 120 mm. De panlatten zijn daarna vastgemaakt rond de boomstam. De boom wordt in die driehoek verankerd met bindgein. De panlatten dienen ook als basis voor het bindgein voor het uitbuigen.

Over drie maanden zijn de takken uitgebogen, dan gaan de panlatten er mee af en worden ze vervangen door een beetje robustere planken (voor dat soort werkjes gebruik ik overschotjes en die had ik nu even niet voorhanden)

Kleur!


Terwijl andere bloggers al enkele weken foto’s tonen van krokussen in bloei wacht ik in de Fruitberg al die tijd op een glimp van kleur van de krokussen die ik deze herfst aanplantte.

Zondag werd al duidelijk dat ik niet zo heel lang meer zou moeten wachten, en de temperaturen van de voorbije twee dagen trokken de krokussen resoluut over de lijn.

In ieder geval wordt mijn verzameling dit jaar aangevuld met dit lijstje van Annetanne : krokusrassen die vroeger bloemen .

Bij de boomkweker

Ik was lang een absolute beukenhaagfan. Zoals al eerder beschreven, gebruikte ik in mijn initieel plan overal beuk. Maar gaandeweg veranderde het plan. Het vroeger frisgroen in blad komen van de haagbeuk is toch een erg belangrijk voordeel. Daarom staat er een 25m lange beukenhaag aan de straatzijde (meer privacy in de winter)  en in de tuin zelf een haagbeukenhaag, om al van begin april te kunnen genieten van een zee van frisgroen blad. En verderop in de tuin wend ik fruithagen aan, niet hermetisch dicht maar wél erg mooi.

De beukenhaag was grotendeels voor de winter geplant en werd, nu het hier eindenlijk wat droger is,  dit week-end verder aangeplant en onmiddellijk flink teruggesnoeid (20-30 cm).

De haagbeukhaag rond de schaduwtuin werd twee weken geleden al aangeplant, dit week-end volgde de rest van de haagbeukhaag, aangeplant in een geometrisch patroon dat structuur zou moeten brengen in de toekomstige wilde borders.

De haagbeukplanten voor deze haag had ik besteld bij mijn vast adres en ging ik zaterdagmorgen afhalen. De medewerkers op de boomkwekerij waren duidelijk goed geluimd. Wij scheppen vaak een idealistisch beeld over buiten werken, maar als je een hele dag buiten werkt is het toch zó aangenaam wanneer je vingers er eindelijk eens niet afvriezen van de koude én je eindelijk eens niet zeiknat wordt van aanhoudende regen. Zolang het zo’n hondeweer is loopt de verkoop ook voor geen meter, en met het weer van de afgelopen maanden wordt het tijdsvenster waarin de boomkwekerij planten kan verkopen erg kort. Geen wonder dat ik er opgewekte gezichten aantrof.

Ik had de kleinste maat planten besteld ; 60-80 cm, omdat zo’n jonge planten meestal het beste aanslaan in de tuin. De zaakvoerder haalde 7 bussels planten van uitstekende kwaliteit op, met een uit de kluiten gewassen flink wortelkluit voor zo’n boompjes. Topplantgoed, maar dat ben er ik gewoon.
In vergelijking met de eerste lading haagbeuk, die ik me twee weken geleden elders aanschafte, een wereld van verschil. De boomkweker vertelde me dat hij al enkele jaren geen chemische meststoffen meer gebruikt, maar wel organische meststoffen. “De planten groeien trager, maar veel steviger, gezonder en met een veel beter wortelstelsel.”

Voilà. Zo simpel is dat, bevestiging van een boomkweker.
Er is wel één nadeel aan dat flinke wortelstelsel : de sleuf die je moet graven om te planten wordt nog wat dieper. 😉

Ik heb me laten vertellen dat haagbeukhaag niet wordt teruggesnoeid (een haagbeuk mag je pas in de hoogte snoeien als hij zijn volle hoogte heeft bereikt). Maar mijn boomkweker zegt dat dat onzin is. Ik heb het advies van de boomkweker gevolgd.

Chappe

Waren ze niet aan ’t verbouwen in de Fruitberg?

Je hou het bijna vergeten. Maar deze week was het eindelijk warm genoeg om te chappen.

Nu nog wachten op het aansluiten van de vloerverwarming en het tegelen. De eerste week van april zou “alles” (eindelijk) klaar moeten zijn.

Eerste Gezicht Jaargang 1/Maand 3

Februari is weeral vooruit gevlogen. Er is deze maand wel één en ander gebeurd in de tuin.De voortuin.

Ten opzichte van de voorbije maand is de rommel (grotendeels) weggewerkt. De Magnolia virgiana ‘Satellite’ is aangeplant. Zij die goed opletten stellen ook vast dat de berg kasseien helemaal achteraan verplaatst is (echt beulenwerk) zodat de haag verder kan aangeplant worden (daar ben ik nu trouwens mee bezig, je ziet de greppel openliggen).
Verder zijn er ook nog enkele struiken aangeplant maar dat zal pas duidelijk worden over enkele weken.

Evolutie http://supermasj.zenfolio.com/p898793373/slideshow.

De tweede foto is een overzicht van de vlindertuin. Het geluidswerend scherm is ondertussen volledig klaar, de fruitboompjes zijn ook (flink) gesnoeid. De grond is ook wat droger geworden (eindelijk), binnenkort wordt hier zelfs wat opgeruimd.

Met de bijhorende slideshow http://supermasj.zenfolio.com/p692170129/slideshow

Foto van de tuin achter het huis, met zicht op de struikenborder: de greppel om de rhizoombegrenzer te plaatsen is gegraven, zodat ik de bamboe van de buren bij de buren kan houden.
De struikenborder zelf wordt volgende week pas geplant. De hoogstamappelaar is nog steeds niet vastgebonden aan de boompaal (maar staat wel recht ondertussen). Rechts zie je ook de Magnolia grandiflora die aangeplant is én de haagbeukhaaag van de schaduwtuin.

https://i0.wp.com/supermasj.zenfolio.com/img/s2/v73/p1458251226-5.jpg

En : http://supermasj.zenfolio.com/p627678542/slideshow

Foto van de tuin achter het huis, vanuit ons salon. Hier zie je nog beter de Magnolia staan, volgens mij gaat die deze zomer al bloeien).

https://i0.wp.com/supermasj.zenfolio.com/img/s8/v76/p1458251954-5.jpg

En : http://supermasj.zenfolio.com/p964328696/slideshow

 

GAS-boetes voor vogels voederen?

Dit week-end zat het hier weer afgeladen vol, ik heb zo maar even 30 vinken 9 kepen en 8 groenlingen geteld… Hier geen speciale waarnemingen zoals appelvinken, sijsjes, distelvinken en kramsvogels, maar dat gebrek aan kwaliteit proberen we goed te maken met kwantiteit ;-).

’t Zijn een stel ondankbare beesten, die vogels. Ge geeft ze kost en inwoon en wat krijg je ervan terug? Denk ge dat die hun tafel afruimen? Nooit van gehoord.

En dat kakt en schijt hier de bomen (van de buren) onder dat het geen naam heeft.

En in de lente zitten die beestjes nog te fluiten ook, lang voor een normale mens wakker wordt!

Sommigen opperen om vetbolsubsidies in het leven te roepen, maar misschien wachten er ons binnenkort een flink pak GAS-boetes.

Tell a Fairy Tale day

’t Is vandaag internationale sprookjesdag (“Tel a Faire Tale day”).

Zelf heb ik ook een verhaaltje ‘geschreven’ dat ik mijn kinderen vertelde bij ’t slapen gaan. Niet altijd tot tevredenheid van mijn vrouw, want de kinderen waren meestal zo wild dat het slapen gaan niet zo goed lukte daarna.

Er was eens een groot bos. In één van de hoogste bomen van dat bos hadden twee vogeltjes hun nest gebouwd. Jefke, hun jongste vogeltje had altijd honger, en piepte dan heel luid tot zijn mama of papa hem dikke vette, sappige rupsen bracht om op te eten.
Zowel papa als mama vogel vertelden Jefke dat hij minder luid moest piepen, maar Jefke had altijd honger en bleef maar piepen.
En zo groeide Jefke iedere dag.
Na drie weken was hij oud genoeg om uit te vliegen. Maar Jefke durfde niet. En dus bleef hij, steeds luider, piepen omdat hij honger had.
Papa en mama vogel legden hem uit ‘ Jefke. je moet leren vliegen, kijk zó doe je dat ‘ maar Jefke zei (heel zielig ) ‘Ik durf niet’.
En daarna ‘Piep piep piep piep’ (“Ik heb honger”).
Onder de boom hoorde een jonge poes het kabaal. “Hmm” zei de poes. Een lekker vogeltje, daar heb ik wel zin in”. En dus kroop het jonge poesje in de boom.
Mama en papa vogel zagen de poes in de boom kruipen en probeerden Jefke aan te moedigen om te vliegen
“Ik durf niet” zei Jefke koppig.”Breng me liever nog wat rupsen” (“Piep piep piep piep”).
Het poesje was ondertussen al bijna ter hoogte van het nest in de boom en zijn papa riep “Jefke. Fladder met je vleugels en vlieg weg want die poes gaat je opeten”.
Jefke zag de poes nu ook en kreeg vreselijk veel schrik.
“Ik durf niet’ zei hij.
De poes sloop op het nest af maar net voor dat de poes Jefke kon pakken sprong Jefke enkele takken omhoog. De poes volgde Jefke in de boom, de hoogte in.
Daarop sprong Jefke weer enkele takken omhoog.
“Sla met je vleugels en je kan wegvliegen” zei de papa.
“Ik durf niet” zei Jefke.
Weer kwam de poes dichterbij. En Jefke sprong weer enkele takken omhoog. En de poes volgde opnieuw.
Mama vogel probeerde Jefke nogmaals te overtuigen. “Kom schat, sla met je vleugels en je kan zo wegvliegen’.
Maar Jefke durfde nog steeds niet wegvliegen en sprong weer enkele takken naar boven, tot helemaal in de top van de boom.
Het poesje lachte eens erg gemeen “Nu kan je niet meer verder naar boven springen, ik ga je oppeuzelen”.
Jefke begon heel luid te piepen “Piep piep piep piep”, terwijl de poes langzaam verder naar boven kroop, steeds dichter bij Jefke.
“Vlieg nu weg schat” schreeuwden zijn papa en mama synchroon. Ze durfden niet meer toe te kijken.
“Maar Ik durf niet” zei Jefke beverig.
De poes was nu vlakbij, en net op het moment dat de poes Jefke kon vangen sprong Jefke naar beneden (verteller houdt nu zijn armen tegen het lichaam).
Jefke viel naar beneden. “Goed Jefke. Open je vleugels dan ben je aan ’t vliegen” zegden zijn ouders. “Ik durf niet” . En dus hield Jefke zijn vleugels gesloten en viel hij steeds sneller naar beneden. En sneller. En nóg sneller.
Vlak boven de grond (verteller steekt zijn armen weid open) opende Jefke zijn vleugels en vloog hij terug omhoog.
Jefke was gered!
Algemene hilariteit onder de kinderen. Vooral omdat het vogeltje in 1/3 van de gevallen te pletter stort op de aarde of opgegeten wordt door de kat (dan moet de verteller het opnieuw, en correct vertellen ).