All posts filed under: Gezien in de tuin

Zweefvlieg

  De twee eerste foto’s zijn plaatjes van een langlijfje. Aan een nauwkeurigere determinatie waag ik me niet. In de nectartuin is Succisella inflexa aan ’t bloeien. De plant is familie van de blauwe knoop (Succisa pratensis) en is een trekpleister voor blinde bijen, het lijkt wel of alle blinde bijen alleen op deze planten foerageren. Van deze plant kocht ik me 2 jaar geleden 5 planten, de plant heeft zich erg vlot uitgebreid. Zweeft hier ondertussen nog altijd rond: hoornaarzweefvlieg. De voorbije dagen zag ik ook meerdere malen een echte hoornaar vliegen over de Eupatorium, maar die kon ik niet vastleggen. En dat is bovendien geen zweefvlieg, zou hier dus niet in dit lijstje mogen figureren. Eén van die hoornaars zag ik vandaag een prooi uit het web van een spin roven, waarbij de spin zelf veiligere oorden opzocht.    

Vlinders

De resultaten van de nationale vlindertelling waren dit jaar volgens mij veel minder gunstig dan de voorbije jaren. Natuurpunt heeft die nog niet gepubliceerd, ik ben benieuwd hoe Natuurpunt gaat communiceren dat er minder vlinders geteld werden dan vorig jaar maar dat het toch een uitstekend vlinderjaar is (en dus intrinsiek aangeven dat die vlindertelling als instrument nutteloos is, en voornamelijk een bewustmakingsactie is). Veel veelvoorkomende vlindersoorten (waaronder atalanta en dagpauwoog) piekten dit jaar begin tot midden juli (een pak vroeger door ’t warme voorjaar) en vanaf midden juli zag ik de hoeveelheid en diversiteit in vlinders in de tuin gestaag afnemen. De koolwitjes zijn nu duidelijk aan een nieuwe generatie toe en zijn op dit ogenblik de enige vlindersoort die ik in grote aantallen zie, waarbij ze ook dag na dag talrijker worden. De resultaten: Koolwitje 10 Boomblauwtje 5 Atalanta 3 Bruin zandoogje 2 Landkaartje 1 Dagpauwoog 1 Kolibrivlinder 1 Kleine vos 1 Gammauil 1 Bont zandoogje 1 Gehakkelde aurelia 1 Buxusmot 1 Wat me verder opvalt dit jaar: de vlinders lijken dit jaar …

Wespen

In de tuin zitten op dit ogenblik heel wat solitaire wespen. Veel van deze wespen worden aangetrokken door de Asclepias incarnata. Ik trof zowaar ook dit parend koppeltje aan. Dit zijn dus geen ‘papierwespen’ (de wespen die we allemaal kennen), maar solitaire wespen die zelf nectar eten en ofwel actief prooien vangen (solitaire bijen, vliegen, rupsen,…) voor hun larve (de wesp verdoofd de prooien, brengt ze in nestholtes onder en deponeert er een eitje in), ofwel parasiteren op andere solitaire bijen of wespen (zij leggen hun eitje in ’t nest van een andere bij of wesp). Op de foto hieronder zie je een solitaire wesp die een maskerbij als prooi heeft gevangen.

Nog vlinders

Van de Ligularia palmatiloba had ik niet direct verwacht dat het een grote vlinderlokker zou zijn. Maar ik zie hier toch vaak meerdere vlinders op de bloemen, terwijl er nu echt voldoende keuze aan nectarplanten is. Ook dit landkaartje (in zomervorm nu ) fladdert rond op de Ligularia. Tot nu toe waren waarnemingen van dit vlindertje in mijn tuin erg beperkt, maar vandaag zag ik vier stuks. De Gehakkelde aurelia is een vlinder die steeds aanwezig is in de tuin,maar eigenlijk nooit in grote getale. Meestal zie ik één of twee exemplaren. Toch weer even geleden dat ik deze nog eens kon waarnemen : het kaasjeskruiddikkopje. Voor de eerste keer dit jaar als imago in deze tuin: de koninginnepage En dit vuurvlindertje zie ik hier voor ’t eerst in de tuin. Omdat het zo gewillig poseerde krijgen jullie drie foto’s. Dat geeft dus de volgende waarnemingen in de tuin deze week Dagpauwoog Atalanta Gehakkelde aurelia Bruin zandoogje Bont zandoogje Landkaartje Koninginnenpage Meekrapvlinder Citroenvlinder Vuurvlinder Boomblauwtje Distelvlinder Groot koolwitje Klein koolwitje Kaasjeskruiddikkopje een Glasvleugelpijlstaart, ik zag …

Nieuwe waarnemingen

Met de aanhoudende warmte gonst het hier van het leven. En dankzij de vijver houdt dat leven nu ook libellen in. Op de foto’s zie je volgens mij het wijfje van de Bloedrode heidelibel (vanwege de zwarte poten). Deze week zag ik ook een blauwe glazenmaker en een egaal blauwgekleurde libel die ik niet kon identificeren. Trouwens. Gisteren reageerde ik nog op een post van Ludo.  De kleine vuurvlinder, die zie ik hier nooit in de Fruitberg. Vandaag vloog het beestje hier rond, voor ’t eerst.

Venkel

In de fruittuin staan een 10-tal venkelplanten. Het enige doel van die planten : rupsen van de koninginnepage voederen. Vorige winter gingen al mijn venkelplanten ten onder aan de winter en zag ik geen rupsen van koninginnepage, vandaag telde ik 5 stuks. Met de aankomende zomerperiode verwacht ik later op ’t jaar nog veel meer van deze prachtige rupsen op mijn planten. Ze mogen ze helemaal kaal vreten.  

Nachtlawaai

Eén van de punten waarrond ik twijfelde bij het aanleggen van de vijver: de mogelijke overlast van het nachtelijk gekwaak van kikkers. De relatie met mijn buren is in orde, en ik zou dat zo willen houden. Vannacht werd ik om 04h00 gewekt door een werkelijk hels gekwaak uit de tuin. Mijn eerste – slaapdronken – reactie, f*ck als die kikkers me elke nacht om 04h00 wakker kwaken, wordt dat een probleem, niet alleen voor de buren, ook voor mij. Snel opstaan om de daders in flagrante delicto te betrappen, was de boodschap. Gewapend met een zaklamp stapte ik op de vijver af waar ik een waarschijnlijk geile woerd aantrof die een wijfjeseend probeerde te lokken met zijn kabaal. Ik maakte het beest diets dat hij niet welkom was in mijn vijver (en deed dat doorheen de dag nog twee keer, waarbij ik de eend(en) vanuit “een hindernis” belaag, in de hoop dat ze dan extra opschrikken en zich niet veilig voelen in de vijver. Bovenaan op de foto mijn favoriete stukje tuin op dit ogenblik. Een klein stukje bloemenweide vlak …

Buddleja globosa

Buddleja davidii, de algemeen gekende vlinderstruik, was niet de eerst in Europa geïntroduceerde Buddleja. Die eer was weggelegd voor deze Buddleja globosa.  De bloemen vormen oranje kogels, en zouden naast vlinders ook heel wat bijen lokken. Mijn struikje is nu nog redelijk klein, maar eens de struik wat gegroeid is, vormt de struik met die gele bolvormige bloemetjes een wonderlijk beeld. In vergelijking met de door ons allen gekende vlinderstruik is deze plant minder winterhard, wat waarschijnlijk verklaard waarom deze plant uiteindelijk een zeldzame verschijning in onze tuinen blijft. Maar die winterhardheid zou nog wel meevallen, de  plant zou winters tot -15 °C overleven, dus denk ik dat de plant het hier toch zou moeten redden. Ik heb hem ook enigszins beschut opgesteld. De struik is een lentebloeier, staat nu volop in bloei, en groeit uit tot een forse struik (ongeveer 5 m breed en hoog). .