Voor deze bloemetjes te bereiken had de zweefvlieg geen vleugels nodig. Ik drukte net af op het ogenblik dat ze sprong. Deze bijvlieg foerageert hier op Oreganum vulgare.

Voor deze bloemetjes te bereiken had de zweefvlieg geen vleugels nodig. Ik drukte net af op het ogenblik dat ze sprong. Deze bijvlieg foerageert hier op Oreganum vulgare.

Wanneer ik een tronkenbij wil fotograferen, moet ik naar de Helianthus trekken. Daar vind ik steevast meerdere exemplaren van dit kleine solitaire bijtje.
Op deze foto zie je twee van de weefplanten die van mij vrij mogen wandelen doorheen de tuin; verbena bonariensis en Veronica longifolia. Wanneer de planten me ergens storen, verwijder ik ze, anders blijven ze staan. Het zijn beide top-drachtplanten voor veel insecten.
Dit is het ‘wildste’ stukje van de nectartuin, waar op dit ogenblik zo goed al niets bloeit behalve deze weefplanten.
Ik vermoed dat er in de omgeving een imker gestart is. De voorbije jaren zag ik zelden of nooit honingbijen, nu zie ik ze overal in de tuin.

Zo maakt die imker honing van mijn bloemen, zonder vergoeding, of toch wel, het vrolijke gezoem van de beestjes.


Enkele weken geleden sprak ik al over deze plant. Nu staat hij in bloei, en heb ik eens de tijd gemaakt om er een beeldje van te schieten.

Zelfs de bloemknoppen zijn mooi.
Deze halfgevulde roos kocht ik vanwege de aangename geur en de ziekteresistentie. De plant gaat net als vorig jaar helemaal ‘Bonkers’, met een zeer uitbundige bloei. De roos is ondanks alles ook nog eens doorbloeiend, en de foto hieronder toont hoe gaaf het blad blijft.
Rozen passen echt in de ecologische tuin, wanneer je de juiste rassen aanschaft. Bovendien hebben zij geen probleem met de droogte, integendeel zelfs.

Nog een roos die het hier fantastisch doet, is Rosa ‘Apfelblüte’, een bodembedekkende roos die een 3 m² ruimte inneemt, ook al snoei ik ze ieder jaar rigoureus terug. Hieronder alleen een detailfoto, omdat ik te lui was om de breedhoeklens binnen te halen, en dus een foto met de macrolens moest plegen.

De voorbije twee jaar bleef de bamboe een beetje ter plaatse trappelen, op een hoogte van 3-4 m. De gekozen variëteit (Phyllostachys aureosulcata) groeit normaliter uit tot 5-7 m, met halmen tot 35 mm dik. Ik wil het bamboeveldje gebruiken om bamboestokken te oogsten, zowel als ‘grondstof’ voor het insectenhotel en als steunstok in de tuin. De grootte van de stengels vorig jaar was nog onvoldoende, en ik vreesde een beetje op mijn honger te blijven zitten.
Maar dit jaar zijn enkele van de nieuwe halmen dus minstens dubbel zo dik als vorig jaar. Ik ben benieuwd welke hoogte de nieuwe halmen dit jaar gaan bereiken, enkele jonge halmen steken nu al bijna een meter boven de oude groei uit.
Nog positieve signalen die te maken hebben met de warmte: de winterharde granaatappel maakt voor ’t eerst bloemknoppen aan. En de zeer jonge passiflora caerulae die ik uit de tuin van mijn moeder ‘oogstte’ zijn de voorbije week verdubbeld in omvang.
Na 430 dagen staat de odometer van mijn Stromer op 20 000 km. Ik heb dus bijna de halve wereld rondgereden op mijn speed-pedelec, met een gemiddeld verbruik van 13 Wh/km.
Ik stap nog steeds iedere morgen met een grote glimlach op mijn Stromer. De dagen dat ik met de wagen naar ’t werk ga (wanneer ’t KMI een code oranje aankondigt) zijn een straf. De wereld is zoveel mooier op een fiets, ik maak zowat iedere dag live een zonsopgang of-ondergang mee – ik rijd daarvoor ook nog eens in de juiste richting (’s ochtends in oostelijke richting, s avonds in westelijke richting).
Gedurende het jaar ben ik één keer onderuitgegaan met de fiets, in een (natte) bocht over een riooldeksel, maar zonder verder erg. Veilig rijden is vooral beseffen dat je sneller rijdt dan dat andere weggebruikers je inschatten, en overal in staat te zijn te remmen (anticiperen, en dus je voorrang afstaan). En dus ook bij nat weer opletten voor riooldeksels in de bochten, ook wanneer je gehaast bent…
Al dat ge-stromer heeft me verder geen windeieren gelegd: 530 uren op de Stromer met een gemiddelde hartslag van 128 bpm maken dat ik ondertussen een uitstekende fysieke conditie heb. Ik merk dat wanneer ik op de racefiets stap, nooit reed ik zo snel als dit jaar. Terwijl ik nu (bijna) 50 ben, en je toch al wat achteruitgang zou verwachten tegenover dat relatief jonge veulen dat 10 jaar geleden een racefiets kocht… Ahh, en er zijn ook enkele kilo’s met de noorderzon verdwenen.
Ondertussen is het krabbenscheer mijn vijver aan ’t overnemen. Hoog tijd om eens uit te dunnen denk ik. Dat is een werkje voor tijdens ’t verlof.
De eerste blauwe bessen kunnen weer geoogst worden.

Ook rode en oranje frambozen hangen hier en masse aan de planten.

Verder zijn er ook Loganbessen en Taybessen.
Witte, roze en rode aalbessen.

Zwarte kruisbessen
Gele kruisbessen
Cassis
En de eerste groene en rode kruisbessen zijn ook rijp.
Later in ’t seizoen volgen nog japanse wijnbessen, bramen, druiven, kiwi, kiwibessen en vijgen.