Blauwbessen snoeien

…..

Vandaag heb ik de blauwbessen gesnoeid, en daarom volgt hier plichtsbewust een verslag van onze reporter ter plaatse. Je vind de andere snoeiverslagjes terug op deze pagina of via de categorie snoeigids .

Disclaimer: er bestaan voor fruitsoorten verschillende snoeiprincipes. De manier van snoeien die ik toepas wijkt lichtjes af van wat je als snoeirichtlijnen terugvindt in de nederlandstalige literatuur. In de nederlandstalige literatuur adviseert men maximaal 4-6 gesteltakken over te houden. Ik baseer me op een snoeihandleiding uit de Verenigde Staten, waar 10-12 gesteltakken worden overgehouden maar waarbij deze takken sterker worden uitgedund. Ik zeg niet dat mijn snoeimethode beter is, wel dat ze anders is. Tot hiertoe met goed resultaat, maar ik ben er absoluut zeker van dat de snoeihandleiding uit de nederlandstalige literatuur ook tot een goed resultaat leidt,  maar de methode die ik volg is eenvoudiger zodus…

Blauwbessen (Vaccinium corymbosum) worden gesnoeid met het oog op het continu verjongen en uitdunnen van de planten, aangezien krachtige, jonge scheuten de beste beskwaliteit opleveren. De snoei wordt uitgevoerd in februari of maart.

Er zijn twee stappen in het snoeien van een blauwbes.

Structuur
In een eerste etappe wordt de algemene structuur van de struik onder handen genomen. De oudste gesteltakken worden weggesnoeid en worden vervangen door jonge grondscheuten.
Zoals hoger aangegeven streef ik naar 12 takken per plant, met als doel ieder jaar de 2 oudste takken te vervangen door nieuwe grondscheuten. Zo worden de takken maximaal 6 jaar oud.

Mijn blauwbesstruiken zijn nog redelijk jong (4-6 jaar), ik haal de zwakste oude tak weg (afsnoeien tot tegen de grond) indien ik teveel gesteltakken overhoud. Zwakke, ongezond groeiende, en kruisende takken worden zowiezo verwijderd.

Eerst verwijder ik de kleine, zieke zwakgroeiende tak

Bij het selecteren van nieuwe grondscheuten selecteer ik de krachtigst groeiende takken, maar ik let ook op hun positie. Zo worden afhangende of kruisende en inwaartsgroeiende takken ook hier zowiezo verwijderd.

Verwijderen van kruisend en zwak groeiende scheuten

Vruchthoutdunning
Iedere bloemknop levert 6-8 blauwbessen op, en het vruchthout is overladen met bloemknoppen. Daarom wordt de gesteltakken verder uitgedund, waarbij ik alleen krachtig groeiend vruchthout tracht te behouden, omdat dit de beste vruchtkwaliteit levert. Het zwak groeiend (kort) vruchthout wordt verwijderd en takken die alleen zwak vruchthout hebben worden in hun geheel verwijderd. Zonder vruchthoutdunning toe te passen zouden er veel kleine bessen van mindere kwaliteit zijn.

Verwijderen van zwak vruchthout (en nog een zwakgroeiende gesteltak die tevoren aan mijn aandacht was ontsnapt)

Blauwbesplanten zijn erg productief en worden daarom erg aggressief gedund. Mijn planten zijn nog jong, maar in theorie snoei je ieder jaar 50-75% van de plant weg. Zo heb je een optimale opbrengst van goede bessen. Door de jaarlijkse verjonging kan een blauwbesstruik een leven lang meegaan.

Het eindresultaat

Blauwbessen snoei ik in februari, maar ’t kan ook nog in maart. Zoals altijd snoei ik niet tijdens vorstperiodes, en als het droog is, en gedurende de rustperiode (dus voor ’t uitlopen van de knoppen).

Deze tweede plant heb ik van iets dichterbij gefotografeerd, om het uitdunnen van vruchthout beter in beeld te brengen

Ik knip hier het miezerige, kleine takje weg

Waaierbomen

De voorbije jaren gingen we steevast op vakantie richting Alpen. Tijdens de dagelijkse wandelingen kwamen we dan vaak boerderijen en woningen tegen met een mooie abrikozenboom in leivorm, groeiend tegen de zuidermuur. Je krijgt dan niet alleen onmiddellijk zin om enkele van die vruchten te plukken, maar ook om er thuis mee aan de slag te gaan.

Daarom dat ik beide abrikozenbomen, één perzikenboom en de amandelboom wil opkweken als leiboom, meer bepaald in waaiervorm. De waaiervorm is een beetje meer vergevensgezind dan de strakke horizontale en vertikale palmetvormen, vandaar. Zelf heb ik wel onvoldoende zuidermuren, en dus worden de twee abrikozenbomen voor het geluidswerend scherm geplaatst.

Het rek voor de abrikozenbomen is ondertussen klaar. Voor het snoeien was het echt te laat (de foto is ook vrij laat gemaakt, waardoor de stalen kabels niet direct zichtbaar zijn).

Het was ook te laat om nog even alles netjes te maken voor de foto 😉

Scherm

De Fruitberg is gevestigd aan een drukke steenweg. Binnen in huis valt het lawaai goed mee (onder meer door het aanwenden van gepaste ramen, het verwijderen van de rolluikkasten,…). In de tuin is het geraas storend.

Daarom zijn we hier dit week-end gestart met het plaatsen van een geluidswerend scherm. Zo’n schermen zijn ook commercieel op de markt verkrijgbaar, maar aan een erg ontmoedigende prijs.
We besloten om een zelf een constructie te maken die ten dele op dezelfde principes gebaseerd is: een dubbel houten scherm gevuld met glaswol (massa-veer-massa principe). We beogen geen geluidsreductie van 20 dB die commerciële systeem zouden bereiken, maar het halveren van het geluid zou al erg fijn zijn.

Het scherm is nog lang niet klaar, maar er is toch al wat vooruitgang geboekt, het weer speelt me duidelijk parten. Over het resultaat (van wat er staat) ben ik alvast erg tevreden.
De komende weken moet er toch nog flink verdergewerkt worden …
De palen die voor het westenscherm staan zijn de basis voor een trelissysteem voor mijn abrikozenwaaiers, maar daar vertel ik (binnenkort) meer over.

De stapel is ondertussen trouwens wat kleiner geworden

Spektakel

Vandaag moest er hier in de tuin gewerkt worden. Maar voor die werken konden aanvangen, moest ik natuurlijk nog vogel-tellen.

De vraag was of de vogels nog zo talrijk zouden aanwezig zijn nu er geen sneeuw meer lag. Volgens de mini-masjkes was het er hier de voorbije dagen erg kalm.

Maar vanmorgen stelde ik toch vast de silo’s en vetblokken vrij leeg waren. Nadat ik alle silo’s had gevuld en ook nog een flinke kwak zaad had uitgestrooid inclusief extra zonnebloempitten, plaatste ik me achter het venster.

De eerste bezoeker van de tuin vanmorgen: een boomklever, onmiddellijk gevolgd door vier pimpelmezen. Niet veel later kwamen er druppelsgewijs enkele vinken langs en enkele koolmezen. Geen kepen, geen groenlingen. Wel veel merels (in totaal negen merels geteld in de tuin), een verdwaalde Turkse tortel en een roodborstje.

Maar geduld is een schone zaak, en niet veel later telde ik niet minder dan 18 vinken. Ook de kepen en de groenlingen verschenen op het toneel. Eerst drie stuks, wat later telde ik niet minder dan 8 kepen en 6 groenlingen.

Twee kraaien deden alle vogels opschrikken. Niet veel later vloog er een zwerm kauwen over (ik heb er 21 geteld). Telkens een reden voor alle ander gevogelte om veiligere oorden op te zoeken. Ook een stel Turkse tortels die de andere, eenzame tortel hardhandig verjoegen, stoorden het tellen van de grote zwerm vinken, groenlingen en kepen.  Wel kon ik 8 kepen, 6 groenlingen en 27 vinken tellen tussen al dan aan- en afgevlieg.

Ook de grote bonte specht liet zich zien. Net toen ik dacht de telling te stoppen zag ik nog een boomkruiper, onmiddellijk gevolgd door een tweede.

Ik startte de PC op om dit verslagje te schrijven en zag dat de groep vinken nog verder aangegroeid was. Ik begon naarstig te tellen maar nog voor ik nieuwe recordcijfers kon tellen vlogen alle vogels opnieuw op. Ik zag onmiddellijk waarom : een sperwer scheerde over de voederplaats, zonder succes.

De voorbije dagen had de nationale vogeltelling veel aandacht gekregen in de media. Terecht. Dit is een leuke bezigheid, zowel voor volwassenen als kinderen. Natuurpunt is er ingeslaagd om hier een hippe activiteit van te maken. Zo hebben meer mensen aandacht voor de natuur in hun tuin, die even leuk en even mooi is als wat we in documentaires krijgen voorgeschoteld op TV. Een geslaagde bewustmakingscampagne.

De vogels zijn hier in ieder geval nog steeds talrijk aanwezig, ook zonder de sneeuw. De enige vogels die hier de voorbije weken af en toe te zien waren en zich hier vandaag niet lieten zien zijn de spreeuwen en staartmeesjes. Maar toen ik vlak na het posten van dit berichtje naar buiten stapte hoorde ik hun typisch gekwetter…  6 staartmeesjes deden zich tegoed aan de pindakaasblok.

Het resultaat voor vandaag

Boomklever 1
Pimpelmees  4
Staartmees 6
Koolmees 4
Vink 27
Merel 9
Turkse tortel 3
Roodborst 1
Keep 8
Groenling 6
Kauw 21
Grote bonte specht 1
Boomkruiper 2
Kraai 3
Houtduif 4
Sperwer 1
Ekster 1

 

SuperMasj

Enkele mensen vragen zich af waar mijn nick ‘SuperMasj’ vandaan komt. ‘Mashed Potatoes’ vraagt iemand? Ik weet dat anderen soms denken dat het met ‘Superman’ te maken heeft. Neen dus… Hier wat uitleg.

14 augustus 1969. Alweer een hele tijd geleden. Zelf herinner ik me er niets meer van, maar dat is de dag dat ik geboren ben. Mijn ouders hadden de naam ‘Tom’ in gedachte. Op het gemeentehuis dachten ze daar anders over. ‘Tomas’ moest er op mijn paswoord staan, ‘Tom’ werd niet geaccepteerd, en jawel ‘Tomas’, niet ‘Thomas’.
Heel de familie noemt me gewoon ‘Tom’. Ook in de lagere en middelbare school ben ik ‘Tom’. Alleen op het paswoord staat ‘Tomas’.
Wanneer ik op mijn 18de in Leuven ga studeren, verschijnt die ‘Tomas’ opnieuw op heel wat documenten, en enkele mensen beginnen me ‘Tomas’ te noemen.

Tot Philip Kaufmann de film ‘The Unbearable Lightness of Being’ uitbrengt, met in de hoofdrol dokter ‘Tomasz’. Zonder dat ik de film heb gezien, beginnen een aantal mensen me ‘Tomasch’ te noemen, en die roepnaam wordt snel verder overgenomen. Pas enige tijd later besef ik dat die dokter ‘Tomasz’ in de film een ‘womanizer’ is die tegen al zijn vrouwelijke patiënten zegt ‘Take of your clothes’… Maar dan is de naam allang ingeburgerd…
Twee jaar later verandert de naam in ‘Tomasj’ omdat ‘Tomasch’ teveel letters zijn voor de sweaters van ’t praesidium. Mijn toenmalig lief (dezer dagen mijn vrouw) kortte mijn naam nog verder af tot ‘Masj’, wat door mijn vrienden wordt opgepikt. 

Eind jaren ’90 koop ik een nieuwe PC met internetverbinding, tijd om een privé e-mail-adres aan te maken. Dat zou dus masj@xxx.be worden, en waarom niet meteen een domein vastleggen met de naam www.masj.be? Omdat die website www.masj.be al was ingenomen, door de “Vrije basisschool Madonna & Sint-Juliaan” in godbeterd Poelkapelle. Hoe ik er dan toe kwam om het prefix ‘super’ te gebruiken: ik had net daarvoor de harde schijf van nieuwe mijn PC SuperMasj gedoopt, omdat Masj te kort was als naam…

Zo ben ik voor al mijn vrienden en schoonfamilie ‘Masj’, voor mijn familie en collega’s ‘Tom’ en op internet ‘SuperMasj’. Maar in de blogwereld vanaf nu gewoon ‘Fruitberg’. ’t Is eenvoudiger, en ’t biedt me iets meer privacy

Gefladder

Eergisterenavond, zo rond 17h30. Ik zat aan mijn bureau, een teleconferentie te volgen. Ik zag een pop-up verschijnen met de melding van een nieuw berichtje, van mijn vrouw.

‘Ga jij een vogeldierentuin starten of zo? Hier is iemand twee zware pakken komen afzetten van Vivara.”

Ondertussen zitten er hier hele wat kepen (zoals al eerder gezegd, ik heb geen echte groot telebereik dus ’t is behelpen)

Net zoals Muggenbeet heb ik vorige week nog wat vogelvoeder bijbesteld. In totaal nog 30 kg zaad, 30 vetbollen en 12 pindakaasblokken. Want zolang er hier sneeuw ligt, wordt het volop met zaad gestrooid (niet met zout), en het aantal vogels blijft verder toenemen.

Met zo’n bende spreeuwen op bezoek vliegt het eten er wel door

Grappig om steeds weer hetzelfde tafereel te zien : eerst blijven alle vinken in de notelaar zitten. Dan gaan ze met zijn alleen naar beneden, om dan allemaal opnieuw een minuutje later in paniek weg te vliegen naar de bomen…

Ik tel niet minder dan 45 vogels
Een beetje later zijn ze weer daar
om opnieuw met zijn allen te vluchten
Dan zijn de mezen een pak minder schuw
wat weer niet gezegd worden van de specht (die pindakaasblok is vanmorgen opgehangen)
Ik ben wel benieuwd hoe ‘trouw’ de vogels gaan blijven eens de sneeuw weg is…

Ladder

 

U vraagt zich waarschijnlijk af waarom deze ladder vanonder de sneeuw uitkomt.
En neen, dit is géén foto vanop een dak, maar dit is de begane grond.

Alleen een bewijs/herinnering dat ik nog enkele dingen moet afwerken aan de waterputten.

De ladder is duidelijk zichtbaar vanop straat, ik vraag me af of de toevallige passant zich afvraagt wat dit te betekenen heeft…

Wintergroen

Wintergroene, fruitdragende planten? Ze zijn erg zeldzaam. Sommige bramen behouden hun blad (onder andere ‘Thornless Evergreen’, alhoewel deze laatste niet de lekkerste bramenvariëteit is), langer is het lijstje toch niet?

Toch wel. Blauwbes ‘Sunshine Blue’ blijft wintergroen, en is zelfs nu nog een mooie struikje. Er wordt wel eens geopperd dat de plant niet volledig winterhard is, maar hij overleefde de winter van 2011-2012 in mijn tuin (ik had wel geen fruit op de struik deze zomer, wegens invriezen van de toppen).

Bovendien is het een uitzonderlijk lekkere blauwbes (de lekkerste in mijn collectie).

Op de achtergrond zie je een andere blauwbessenstruik, volledig kaal. Die plant heeft dan wel voor spektakel gezorgd in de herfst, maar een wintergroene struik geeft de fruittuin toch direct wat meer punch.

Het is een vrij recent aangeplante struik (lente 2010), uit een P9 potje. De plant is de voorbije twee jaren behoorlijk gegroeid, en zal de komende  2 tot 3 jaar nog een pak stuk forser worden, maar de plant zou, in vergelijking met andere blauwbessen, wel een pak kleiner blijven.

In ieder geval een aanrader voor de tuin. Er bestaan trouwens nog andere blauwbesvariëteiten die min of meer wintergroen zijn (maar ’t zijn uitzonderingen in een lange lijst van bladverliezende cultivars)