De plant van de maand maart is een apart geval. Eigenlijk had ik verwacht en gehoopt dat deze plant de plant van de maand februari zou zijn, maar de eerste bloemen op deze plant verschenen pas midden maart.
Edgeworthia wordt beschouwd als winterbloeier, maar is dus eerder een vroege-lentebloeier. De gele pomponnetjes verspreiden, net als zoveel andere winterbloeiende struiken, een heerlijk aroma, maar het de geur is niet zo sterk. Wat de plant nog gemeen heeft met enkele andere winterbloeiers: het is niet de makkelijkste plant en nogal kieskeurig qua bodem: een leemgrond met humus zou ideaal zijn, en dat kan ik haar in ieder geval aanbieden.

De buisvormige bloemen hangen in trosjes naar beneden. De plant heeft iets magisch wanneer ze in bloei staat, en die magie wordt dan nog versterkt door het meegeleverde aroma. De plant is nauw verwant aan het geslacht Daphne. Er bestaan ook enkele variëteiten die met oranje-rode bloemen bloeien, maar die zijn heel wat moeilijker te vinden (en zouden ook minder winterhard zijn).
Volgens sommige bronnen is de plant slechts winterhard tot – 5°C, maar op internet vond ik mensen die de plant in Delaware, Berkley en Long Island groeien, en daar zakt het kwik in de winter geregeld tot -15 °C. Eén eigenaar geeft aan dat de plant een winter van – 8°F overleefde met flinke vorstschade (dat is -22°C). De plant overleefde hier in ieder geval vorige en deze winter (- 8,0 °C), maar liep vorig jaar wel heel wat vorstschade op bij de late winterprik, toen de plant al in blad stond.
Maar de plant is nadien helemaal hersteld van die schade. Dit jaar stond de plant ook al in bloei toen het midden maart nog enkele dagen flink koud werd (-1°C over dag, -3 °C ’s nachts), en dat blijkt geen probleem te zijn.

En terwijl heel wat andere winterbloeiers in de zomer saaie groene struiken zijn, heeft Edgeworthia prachtig bladeren, die echt tropisch aandoen. De schors van de plant is ook erg mooi, en wordt in Japan gebruikt om bankbiljetten mee te produceren. De takken van de plant zijn ook merkwaardig flexibel. Je leest hier en daar op internet dat je een knoop kan leggen in de takken zonder dat die breken of barsten. Wanneer de struik wat groter is, ga ik dat zeker eens proberen.
De plant hier in de Fruitberg is nog redelijk klein (100 cm hoog), op termijn moet deze uitgroeien tot een struik van ongeveer 1,5 – 2,5 meter hoog.