Ondertussen staat de teller van de Stromer op 3250 km. De laatste 5 werkweken (ik heb ook een weekje vakantie gehad) heb ik op drie dagen na iedere dag de fiets genomen. Het weer was op dat vlak een meevaller.
Ik leg de rit van 53 km af in 1 u 25 min en heb meestal 25% batterijcapaciteit over. Wanneer het wat kouder wordt ga ik mijn snelheid dus wel iets moeten verminderen (want de koude reduceert de autonomie van een batterij), maar nu kan ik zorgeloos fietsen.
Ik let ondertussen ook wat op mijn hartslag, en rijd de ritten met een gemiddelde hartslag van 125-130, en een maximum hartslag van 140. Het is op deze fiets erg eenvoudig om die hartslag onder controle te houden, zo doe ik dus 15 uur perfecte duurtraining per week. Toen ik vorige week in de buurt van de Ventoux vertoefde merkte ik dat mijn conditie uitstekend was.
Het blijft in ieder geval genieten, iedere keer weer. Ik zie iedere dag hazen, fazanten, groene spechten, ik hoor karekieten zingen in het riet,… Ja, het neemt iets meer tijd in beslag, maar deze verplaatsingen zijn een plezier, in tegenstelling tot het aanschuiven met de auto.
Er is één ding dat me een beetje stoort. Het valt me op hoe nors de gemiddelde Vlaming is. Wanneer ik een fietser of voetganger tegenkom, heb ik de gewoonte van te groeten (het is niet dat er op mijn stuk weg honderden fietsers rijden, ik kruis er misschien ééntje elke 2 km). Ik vermoed dat nog geen derde van de mensen die groet beantwoordt.