Het was vandaag nog maar eens een prachtige dag. De zoveelste vrij warme winterdag zonder vorst. Ik had vandaag voorzien om een dagje in huis verder te werken, maar heb toch éven buiten genoten van een pauze. Volgens de lange termijnverwachtingen van het KMI zou het eind januari toch enkele nachten flink gaan vriezen. Daarna zou het opnieuw wat warmer worden. Ik hou mijn hart vast voor een late strenge vorstperiode in maart (en we herinneren ons allemaal van vorig jaar dat het dan nog vreselijk koud kan zijn) indien februari ook zo onwaarschijnlijk warm blijkt te zijn.
Enkele planten zijn duidelijk in de war door de warmte. De meest beschut opgestelde perzik staat nog steeds in blad. Maar dat is an sich geen probleem. Na een stevige vorstperiode vallen die bladeren, dat is niet echt een probleem.

Wat wel een probleem vormt zijn uitlopende knoppen. Zolang we alleen knoppen zien vormt de vorst niet direct een probleem. Maar van zodra het blad ontrold, wordt het wel een probleem. De knoppen van de braambessen staan op het punt van te barsten.

Ook de blauwbessen beginnen opnieuw uit te lopen. De wintergroene Sunshine Blue loopt ook opnieuw uit. Indien het nu nog fel gaat vriezen vrees ik dat ik ook dit jaar geen vruchten ga hebben op de plant.

De hazelnoten zullen we ook dit jaar opnieuw op één hand kunnen tellen, niet alleen omdat de struiken nog steeds niet zo groot zijn, wel omdat de mannelijke bloemen al flink van jetje aan ’t geven zijn en de vrouwelijke bloemvormen er nog geen zin in hebben. Deze variëteit maakt opvallend lange bloesem, best wel mooi eigenlijk.

Deze Ribes sanguinem staat zowaar bijna in bloei.

Nog even terugkomen op die hazelnotenbloesem. Wanneer je daar op inzoomt zie je ook kleine bloemetjes:






























