Vanaf morgen opnieuw werken. Niet dat ik niet gewerkt heb tijdens deze verlofperiode. De 11 dagen dat ik thuis was werd er gesnoeid, gewied, uitgebogen, water gegeven, aangebonden, geborderzoomd, gras gemaaid, compost omgezet en gewied. Maar dat werken was grotendeels genieten. En er was ook tijd om gewoon te genieten van de tuin, de hangmat, het prachtige weer, de oogst en om nieuwe bewoners te ontdekken.
Vandaag ontdekte ik deze vlinder op de frambozen. Zoals steeds was ik zéér enthousiast, een beestje om te determineren…
Van dat enthousiasme bleef niet veel meer over na enkele minuutjes determinatie op internet. Het is de Frambozenglasvlinder, een beestje dat heel wat schade zou aanrichten bij frambozen (de larve overwintert in de stengel van de framboos).
Exemplaren die ik morgen vind zullen dus weggevangen worden. Ik ga de planten de komende weken ook in ’t oog houden wat betreft vraatschade aan de planten…
Maar dat was dus niet het onderwerp van dit logje. Wel mijn verlof. Had ik al gezegd dat het geweldig was? De vorderingen in de tuin overtreffen mijn stoutste verwachtingen (met dank aan het mooie weer). Vanavond lag de tuin er abnormaal netjes bij (maar ik ben er zeker van dat dat niet lang gaat duren).
Met een mooie zonsondergang valt het doek over dat verlof. Het blogritme zal dan ook opnieuw wat zakken.
De zwarte framboos (Rubus occidentalis) is, net als de framboos en de braam, een plant uit het geslacht ‘Rubus’. De plant levert in juli kleine zwarte bessen. De smaak is niet vergelijkbaar met frambozen en bramen, de bessen hebben een erg aangename, kruidige smaak. Het verwondert me dat deze plant niet vaker in onze tuinen wordt aangeplant. Dat heeft misschien te maken met de vreselijk vervelende doornen…
Net zoals de braam en de (zomer)framboos draagt de zwarte framboos op éénjarig hout (= takken die het jaar ervoor gegroeid zijn). Maar toch is de snoeitechniek anders.
Voor de zomersnoei, de takken die dit jaar hebben gedragen zijn al aan ’t afsterven.
Vorig jaar vond ik de vruchten op mijn zwarte framboos ontiegelijk klein. Met wat speurwerk een aantal Amerikaanse snoeihandleidingen gevonden, die ik (weliswaar een beetje te laat toepaste).
Na de zomersnoei
En met succes, want de bessen waren dit jaar beduidend groter. ’t Blijven wel – ook na deze snoeibeurt – kleine vruchten…
Van zodra de jonge scheuten 75-80 cm hoog zijn, knip je ze 5 cm terug. De plant gaat nu een hele reeks zijscheuten maken op deze takken. Van zodra de plant vruchten draagt stop je met snoeien.
Na de oogst worden de oude stokken verwijderd (nu dus, zie foto). De plant wordt met rust gelaten. In de winter worden deze zijscheuten teruggezet op 8-12 ogen en de zwakste scheuten verwijderd. De bedoeling is de vruchten te beperken zodat we minder, maar wel grotere bessen bekomen.
Rare jongens, die tuiniers. Dan regent het de ganse dag tijdens hun vakantie, en dan zijn ze daar nog tevreden over ook. Zelfs met de onweders van de voorbije twee weken was het hier nog altijd erg droog. Gisteren viel er heel de dag zachte regen, in totaal goed voor 11mm regenwater. Omgerekend voor mijn tuin is dat niet minder dan 20 000 liter water. Het doet de tuin duidelijk deugd, want ik begon toch wat sporen van droogte te zien bij een aantal planten.
Braam ‘Triple Crown’
De laatste rassen trosbessen zijn nu volledig rijp. De vroege bramen lopen op hun einde, maar ondertussen draagt ‘Loch Maree’ bramen en kan ik ook de eerste bramen van ‘Triple Crown’ plukken.
Braam ‘Loch Maree’
Het zomerframbozenseizoen is ondertussen definitief voorbij, de hersftframbozen komen duidelijk in productie. De herfstframbozen blijven langer hangen, de smaak blijft ver achter op de zomerframbozen.
Volop te plukken (bijna over hun hoogtepunt) zijn de Japanse wijnbessen en de Dormanbessen.
Japanse Wijnbes
De Dormanbessen zijn véél groter, maar moeten het afleggen tegen de geweldige, friszure smaak van de Japanse Wijnbes. De plant is wel véél productiever, en de smaak is best OK, we hebben er dit week-end ook een geweldige confituur van gemaakt.
Dormanbes
Het blauwbessenseizoen is nog niet afgelopen. Twee planten dragen nog volop (Elizabeth en een ongekende variëteit, gezien de late rijping waarschijnlijk Elliot), de andere zijn hun hoogtepunt al even voorbij.
Er zijn ook terug aardbeien: de doordragers komen in productie, deze week heb ik de eerste rijpe (heerlijke) vruchten geplukt van Evie2.
Ook het groot fruit rijpt af! Eergisteren heb ik de eerste appels (Précoce de Wirwinges’) geplukt. Een vroege oogstappel die aangenaam smaakt (volgens de jongste zoon smaken ze naar appelmoes), binnen een tot twee maanden zullen de nog aardig wat peren, pruimen en appels volgen (ook al blijft de oogst dit jaar beperkt, onder meer door een flinke fruitdunning door mezelf).
Précoce de Wirwignes
Ondertussen is het afwachten of de druiven voldoende gaan afrijpen dit jaar. De trossen groeien nu erg snel, maar ’t zou me verbazen indien alle trossen voldoende gaan afrijpen. Alleen ‘Isabella’ zou geen probleem mogen geven, de bessen zijn nu flink opgezwollen, nu nog wachten op het juiste kleurtje.
De eerste lichting vijgen was dit jaar erg beperkt (6 stuks, wel logisch gezien de koude winter). Ook voor de tweede oogst is het afwachten of er nog veel vruchten tijdig zullen afrijpen, maar de groei zit er nu wel flink in..
Wat me wel opvalt: de vijgen in potten houden het geen volledige week uit zonder water toe te dienen bij deze warmte. De grootste plant was er het ergst aan toe en staat er nog altijd een beetje verfromfraaid bij. Aangezien de bovenzijde van deze potten is afgesloten met vijverfolie, betekent dit dat zo’n plant 2 gieters water verdampt op één week tijd.
Een week na de uitdroging, enkele weken geleden zag hij er zo uit
Nu de officiële telling achter de rug is, beginnen er zich vlinders te tonen die ik hier dit week-end niet te zien kreeg. Onder meer het Oranje zandoogje en de Citroenvlinder. Ook het Bont Zandoogje was gisteren van de partij.
Bont Zandoogje
Eén Kleine Vos zag ik dit week-end, ondertussen tel ik er acht.
De Kleine Vos was de grote afwezige dit week-end, vandaag telde ik er acht
Maar ook Koolwitjes en Distelvlinders zijn nu talrijker aanwezig dan ’t voorbije week-end. Met het minder goede weer van vandaag is er opnieuw minder gefladder. Wat me opvalt in de resultaten zijn de grote regionale verschillen, het oranje zandoogje zit in alle provincies in de top tien (vaak de derde meest voorkomende vlinder), in Vlaams Brabant tekent deze schoonheid afwezig, en ook in Tienen staat hij niet in de top 10. In de tuin is het een eerder zeldzame verschijning, terwijl de omgeving volgens mij perfect aangepast is voor het beestje (redelijk wat grasland hier in de omgeving).
De Eupatorium maculatum was met stip de populairste vlinder-en hommellokker. Ik heb ondertussen wat stekjes van de plant genomen. Verder zijn ook de Verbena bonariensis en Echinacea vrij populair, alhoewel iedere vlindersoort toch zijn favoriet blijkt te hebben, waarbij koolwitjes en gamma-uiltjes duidelijk het minst kieskeurig zijn. Aangezien ik het advies van de andere bloggers niet in de wind wil slaan heb ik ook van mijn ‘Origanum vulgare’ een tiental stekjes genomen, zodat ik daar volgend jaar een flinke pol kan van aanplanten.
Op basis van het succes van de ligustrum van de buren (de voorbije weken) krijgt ook die een plaats in de tuin. Ik heb mijn principes zelfs opzij geschoven en twee vlinderstruiken aangeplant (B. davidii en B. alternifolia). Wanneer ik de uitgebloemde bloemaren verwijder, is er geen probleem.
Klikken levert een grote foto op. Ik tel 4 Distelvlinders, 3 Vosjes, 3 Gamma-uiltjes en een koolwitje
Het zijn niet alleen planten met bloemen die vlinders lokken. De resterende, overrijpe bramen van ‘Loch Maree’ kunnen ook op bijval rekenen van de vlinders.
Maar er zijn planten die het helemaal laten afweten. Ik heb nog steeds geen énkele vlinder gezien op de Rudbeckia en Helianthus. Trouwens ook geen hommels of andere insekten. En terwijl Echinecea ‘Elton King’ en ‘Magnus’ véél bestuivers lokken, kunnen ‘Cheyenne’s Eye’ en ‘Solar Flare’ niet rekenen op veel bezoek. Niet iedere cultivar van een plant blijkt dus even geliefd. Indien ik dit jaar opnieuw weinig vlinderbezoek merk op mijn Sedum (‘Mr Goodbud’) is het misschien te wijten aan de cultivar…
Echinacea ‘Cheyenne’s Eye’
Ondertussen staat ook de Vernonia critata ‘Mammuth’ in de startblokken. Deze grote plant, familie van de aster, en niet zo vaak aangeplant in onze tuinen, die ik vaak zie verschijnen in vlinderfoto’s uit de USA.
De zomerframbozen hebben hun laatste vruchten gedragen. Tijd om ze te snoeien.
De niets vermoedende zomerframbozenhaag
Dit is (nog maar eens) een zéér eenvoudig werkje : alle takken die vrucht hebben gedragen deze zomer worden nu verwijderd tot tegen de grond. Die oude takken (van vorig jaar) zijn oud en bruin, de nieuwe zijn frisgroen.
Even later
Daarna dun ik de jonge scheuten nog wat verder uit (nu de oude scheuten zijn weggehaald heb ik een beter zicht op de jonge scheuten. Het aantal takken per meter pas ik wat aan in functie van de groeikracht van de planten, 6-8 stokken per meter.
Alle kleine jonge scheuten worden zowiezo verwijderd.
Nog wat later
Verder snoei ik deze zomerframbozen niet. Er wordt vaak aangeraden om te lange stokken in te korten maar ik doe dat niet wegens geen zin.
Met de handige fotogids die Bart me aanwees is het determineren van zweefvliegen een echt kinderspel geworden.
Dit is een snorzweefvlieg,
Dit is een doodskopzweefvlieg,
en deze een boszweefvlieg
Hieronder : een gewone pendelvlieg
Leuke namen toch, die zweefvliegen er zijn ook elfjes, klompvoetjes, platvoetjes, vlinderstrikjes, doflijfjes, glimlijfjes, glimmers, krieltjes, roetneusjes, fopwespen en fopblaaskoppen. Iemand heeft zich geamuseerd bij die naamgeving…
Maar met de hommels heb ik het heel wat moeilijker…
Gewone aardhommelGewone koekoekshommel volgens mijSteenhommelWijfje SteenhommelVeldhommelKoekoekshommel?
Voor wat betreft de solitaire wespen en bijen wil ik er zelfs niet aan beginnen, ik maak er gewoon foto’s van. Tenzij iemand een net zo leerrijke determinatiegids voor solitaire bijen kan aanwijzen.
Volgens mij is één van de twee eerste verantwoordelijk voor die bouwsels in de tuin.
Clive Farrell startte 20 jaar geleden met wat de ultieme vlindertuin zou moeten worden. Op een veld van maar liefst 40 ha bootste hij alle habitats van vlinders uit de UK na. Centraal werd een Buddelja-haag van bijna 1,5 km aangelegd, om zoveel mogelijk van het rondvliegend grut te lokken. Waardplanten voor alle inheemse vlinders staan verspreid over heel het domein. Vandaag komen niet minder dan 39 van de 59 inheemse engelse vlindersoorten voor in deze ultieme vlindertuin.
Spaanse vlag
Zelf probeer ik ook een tuin te creëren die aantrekkelijk is voor (onder meer) vlinders, maar dan wel op een meer bescheiden schaal. Ik tref wel de meeste courante soorten aan in de tuin, maar nog geen echt belangrijke aantallen.
Oranje luzernevlinder
Dit week-end worden er in heel Vlaanderen naarstig vlinders geteld. Een leuk initiatief van Natuurpunt dat voor bewustmaking zorgt en mensen aanzet om hun tuin ook wat vlindervriendelijk te maken. Wel wordt er in de campagne te weinig aandacht besteed aan ’t feit dat de rupsen (en de bijhorende schade) deel uit maken van ’t verhaal, en dat het geen zin heeft om vlinders te lokken indien je daarna de rupsen en masse verdelgt.
Boomblauwtje
Sinds vanmorgen probeer ik de tuin wat te wieden en kijk ik ondertussen uit naar vlinders. De eerste waarneming vanmorgen was een fors, klein bruin vlindertje dat ik niet onmiddellijk kon identificeren. Toen ik twee minuten later met fototoestel ter plekke was, was de vogel al gaan vliegen.Een controle op waarnemingen.be leerde me dat het het kaasjeskruiddikkopje betrof, één van de koesterburen van onze gemeente (wij wonen op ongeveer één km van de bezinkingsputten van Tienen waar deze zeldzame verschijning vaak wordt waargenomen). Ik heb hier nog een verloren hoekje waarvan ik niet weet hoe het te gebruiken, ik denk dat ik het kaasjeskruid weelderig ga laten tieren op dat plekje.
Koolwitje
Toen ik terug naar buiten stapte, zag ik een vrij klungelig dwarrelende oranje vlinder in de tuin. Met fototoestel in de handen liep ik naar een pol Eupatorium cannabinum waar ik een mij nog ongekende nachtvlinder aantrof (wat opzoekingswerk leerde me dat het dagactieve nachtvlinder Spaanse vlag betrof).
Distelvlinder
Verder telde ik zes koolwitjes, drie dagpauwogen en twee distelvlinders. Een gehakkelde aurelia, een Kleine Vos, een Atalanta en een Bont zandoogje waren veel te fel gesteld op hun privacy.
Dagpauwoog
Wat later trof ik ook nog twee boomblauwtjes, een Icarusblauwtje en een oranje Luzernevlinder aan.
Distelvlinder
Vandaag verscheen ook – voor het eerst dit jaar – de koninginnepage. Met het eerste exemplaar dat sierlijk door de zuin zweefde zou ik al meer dan tevreden zijn, maar wat later zag ik drie van deze schoonheden in de tuin.
En de meest voorkomende vlinder in mijn tuin? Het gamma-uiltje. Niet alleen moeilijk om te fotograferen, ook het tellen is niet eenvoudig. Ik telde er overdaag dertien, maar zag er gisterenavond meer dan 20 foerageren in de bloemenweide. En vanavond telde ik er 16.
Gamma uil
Wat me opvalt is dat ik vandaag geen Landkaartjes of Bonte zandoogjes heb gezien, vlinders die ik hier toch regelmatig aantref…
En, doe jij ook mee aan de telling?
Resultaat van zaterdag en zondag:
Het plan was eenvoudig. We zouden enkele dagen naar Zuid-Frankrijk vertrekken. Iemand kwam de planten in potten voorzien van water, en de kat en kippen van voedsel en water.
Er was een kip al voor de tweede maal aan’t broeden, maar die was ‘uitgerekend’ voor zaterdag 3 augustus. En de vorige keer had ze er voortijdig de brui aan gegeven, de kans was groot dat dat nogmaals zou gebeuren.
Op woensdag 1 augustus ontvang ik een SMS van de oppas ‘Reeds zes kuikens geboren’. De kip had nu dus wel doorgebroed, en blijkbaar heb ik me vergist in het tijdstip dat de kip aan’t broeden ging.
De opppasser van dienst heeft zelf geen kippen, dus vroeg ik hem om samen met de achterbuurvrouw de kip met kuikentjes te verzetten naar de kuikenren (die ik wel al had klaargezet). Kuikenmeel had ik natuurlijk niet klaargelegd, maar de achterbuurvrouw had net kuikens gehad dus die kon onze oppas daarbij helpen…
De volgende morgen opnieuw een SMS ‘Nu 9 kuikens’. Deze bleken allen met succes overgezet naar de kuikenren, voorzien van drank en kuikenmeel. Een kwartier later volgt er nog een SMS ‘Nog een kuiken gevonden in nachthok gevonden, 10 kuikens’.
Tien kuikens. De Minimasjkes waren in de wolken. Ik hield mijn hard vast vanwege de voorspelde hitte van gisteren. Toen ik vannamiddag thuis kwam van een lange rit (935 km aub) bleken moeder en kinderen het echter goed te stellen ondans de hitte (35°C onder thermometerhut). Ik zie één of twee zilverbrakels tussen de jongeren (dat zouden dan zeker haantjes worden), voor de rest lukt het me niet direct om ze te ‘sexen’.
Wat ik met nog eens 10 kippen ga doen weet ik nog niet goed, ik hoop dat er toch voldoende hennen tussenlopen zodat ik die op zijn minst kan redden, de hanen zullen waarschijnlijk in de pot belanden (niet in mijn potten). Zelf heb ik al een of twee hennen teveel (5 eieren per dag), ze zullen dus allemaal een andere thuis moeten vinden.
En zeggen dat ik goudbrakels heb genomen om niet altijd met broedse kippen opgezadeld te zitten… Maar toch blijft het een fantastisch zicht, de trotse hen, gevolgd door een stel donzige bolletjes op poten.
Bij onze thuiskomst bleek er ook wat schade te zijn vanwege het onweer van zaterdag op zondag, maar daar ga ik niet over klagen, klein bier in vergelijking met de schade die anderen hebben opgelopen, dat groeit wel terug, die omgewaaide plantjes. Het onkruid is hier de voorbije week trouwens ook flink gegroeid, dat wordt dus een week-end wieden voor ik kan beginnen met de geplande werkzaamheden in de tuin. Dus ik hoop dat het de komende dagen wat frisser wordt, zodat ik een hele dag flink kan wieden.
Het snoeien van zwarte bessen is zeer eenvoudig. Zwarte bessen geven het beste en mooiste fruit op eenjarig hout (dus op het hout van vorig jaar). Bij zwarte bessen streven we er dus naar om sterk te verjongen.
Voor de snoei
Zwarte bessen worden meestal (en ook in de Fruitberg) als struikvorm opgekweekt, met maximaal 10 takken per plant.
Eerst snoei ik de oude takken weg of terug op eenjonge scheut, zodat alle oude hout ‘weg’ is
Bij het snoeien verwijder ik ieder jaar het oude hout. Nu de bessen echt rijp zijn (en erg zoet en lekker), pluk en snoei ik tegelijkertijd. De takken van vorig jaar die nu vruchten dragen knip ik weg (tenzij er onvoldoende grondscheuten gevormd zijn). Het plukken kan daarna aan tafel.