Op Jacht

Ik kan je al direct geruststellen, ik ga hier niet spreken over jacht op dieren. Wel over de jacht op fruitrassen.

Aangezien ik geen chemische bestrijdingsmiddelen wil inzetten, stel ik veel belang aan de aanschaf van ziektebestendige fruitrassen. En ziekteresistentie alleen volstaat niet, ik wil ook nog lekker fruit. Voor wat betreft de traditionele fruitbomen vond ik mijn gading grotendeels bij één boomkwekerij, het kleinfruit op één ander adres, maar voor een aantal andere fruitbomen en -struiken heeft dit veel meer voeten in de aarde gehad.

Beschrijvingen en gebruikerservaringen met bepaalde rassen zijn makkelijk te vinden op internet. Maar de planten zelf op de kop tikken is een pak moeilijker. Zonder internet was dit zo goed als onmogelijk, maar terwijl ik nogal bedreven ben in het opzoeken van verkoopspunten via internet,  is het toch niet altijd even eenvoudig als het lijkt. Een boomkwekerij in Duitsland of Engeland vinden die de variëteit verkoopt die jij wilt, brengt niet altijd zoden aan de dijk. Niet alle boomkwekerijen willen planten verzenden naar het buitenland (vaak een gevolg van patentrechten), en dus kan de zoektocht aardig wat voeten in de aarde hebben.
Maar er is dan ook een gevoel van voldoening wanneer je zo’n plant vindt.
Zo zijn er wel enkele druivelaarkwekerijen in Duitsland, maar géén van hen reageert op buitenlandse aanvragen (ook niet wanneer ze in perfect Duits zijn geschreven). Na verloop van tijd vond ik toch een adres, dat ik ondertussen met tientallen enthousiastellingen heb gedeeld…

Ik zocht nog twee perzik- en abrikozenbomen. Eén perzik-variëteit was vrij makkelijk in België aan te schaffen (Avalon Pride, krulziekresistent). De andere rassen zijn niet beschikbaar in België.

De voorbije weken is er naarstig over en weer geschreven met enkele adressen, en één van de gezochte abrikozenrassen (TomCot, een uitstekende bevruchter vanwege de lange bloei) heb ik al kunnen bestellen.  Er resten me nu nog twee andere fruitbomen: Abrikoos ‘Kuresia’ en Perzik ‘Benedict’. Het adres waar ik de voorbije jaren enkele speciale fruitbomen kon aanschaffen reageert niet op mijn vraag. Een tweede adres levert niet in het buitenland, het derde heeft de planten niet op voorraad…
Dus blijf ik nog even naarstig verder zoeken. Ik moet en zal die rassen hebben.

Fruitspurt

Toch nog eens over fruit spreken op deze blog…

Dit week-end de laatste noten bij mekaar gescharreld. Het is een erg bedroevend notenjaar : een handvol hazelnoten, geen enkele kastanje en slechts 30 liter noten.

Zoals al eerder aangegeven doen de herfstframbozen het wél zeer goed. Maar met koning winter voor de deur maakt deze framboos zich toch schuldig aan overdreven enthousiasme en optimisme… Dit soort takken geeft bij een novembermaand-zonder-vorst frambozen tot in december, maar dit jaar gaat het dus niet lukken

Wat wel nog kan lukken, is dat deze aardbei aan ‘Evie2’ nog afrijpt. Het zal net niet of net wel zijn.

Alle andere aardbeibakken staan klaar voor de winter… in totaal ongeveer 240 planten, keurig per 4 tot 6 in bakken geplant. Iets zegt me dat we volgend jaar geen aardbeien gaan tekort komen in de Fruitberg

Going out with a Bang

Na enkele weken kil en nat weer, toch nog een onverhoopt, aangenaam week-end. Vanmorgen zelfs gefietst in korte broek (al moet ik wel zeggen dat ik de enige van onze omvangrijke groep was).
In de namiddag nog wat gewied. Ook de pompoenen en de courgetteplanten (of wat daar nog van over bleef) afgevoerd naar de composthoop.

Daarnaast heb ik vooral genoten van het mooie weer en de tuin,  voor volgend week-end is er kans op nachtvorst, ’t was dus misschien de laatste kans.

Er staat ook hier nog aardig wat planten in bloei. In de vroege namiddag fladderden er ook nog enkele vlinders door de tuin, maar die werden niet veel later vakkundig weggejaagd door onze kat.
Toch opgemerkt dat de twee aangeschafte Phloxen goede vlinderlokkers zijn.

Phlox ‘Omega’
Phlox ‘Lichtspiel’

Nog een nieuwe aanwinst :

Persicaria ‘Fat Domino’

Verder kleuren voor typische herfstbloeiers zoals asters en herfstanemonen, Verbena bonariensis, Echinacea  en wat kogeldistels de tuin.

Aster ‘Little Carlow’
Anemona ‘Honorine Jobert’

Maar de meest uitzonderlijke bloeiende planten zijn de Geraniums. Deze drie soorten bloeien al onafgebroken vanaf mei .

Geranium ‘Rozanne’. Prachtige plant, maar met een exuberante prijs door exorbitant auteursrecht
Geranium endressi, goede bodembedekker
Geranium ‘Havana Blues’

Zelfs uitgebloeid zijn ze best wel prachtig…

En morgen weer werken

Kippenpokken

De kippenpokken zijn nog steeds niet uit de kippenren verdwenen. Na mijn bezoek met Sylvio aan de dierenarts plaatste ik twee zilverbrakelhennen in quarantaine, waarvan één er vrij snel het loodje legde.  De andere zilverbrakel kon na een week de rest van de kippen terug vervoegen.

Enkele dagen later werd ook de goudbrakelkloek ziek. De pokken sloegen bij haar zo hard toe dat haar ogen helemaal dicht zaten, zodat ze niet meer kon eten. Na twee dagen dwangvoederen werd duidelijk dat dit een verloren strijd was en heb ik haar uit haar lijden verlost…

Weer enkele dagen later, eergisteren, belde mijn zoon me op. “De zilverbrakelhaan ziet er niet goed uit.” Tot dan leek het erop dat de de jonge kippen niet ten prooi vielen van dit virus …
Toen ik s’ avonds thuis kwam bleek ook hij helemaal onder de pokken te zitten en erg mager en zwak te zijn. Bij een verdere inspectie bleek ook één van de jonge hennen enkele pokken in haar gezicht te hebben. Beide dieren werden apart gezet.
Daarna het haantje onmiddellijk eten geven (dwangvoederen). Hij krijgt nu drie keer per dag dwangvoeding van me en was vandaag alweer wat levendiger te zijn. Hij probeert zelfstandig te eten maar dat is moeilijk als je niets ziet. Het hennetje ziet er eigenlijk vrij goed uit.
Over enkele dagen zouden de pokken moeten beginnen uitdrogen en afvallen. Ik hoop dat hier nu mee ophoudt. Maar ook de buren hebben last van het virus (of beter, hun kippen), zoalng het niet flink wat kouder wordt blijft dat virus hier dus ronddolen.

Eén voornemen voor volgend jaar : ik laat mijn kippen inenten tegen het pokkenvirus.

Bollen (tellen)

Veel bloembollen doen me niets. Maar er zijn enkele uitzonderingen. Op termijn wil ik overal in de tuin krokussen en narcissen laten verwilderen, niet alleen in het gazon, maar ook in de bessenkamers en de borders. Het geeft wat kleur vroeg in het jaar en zorgt ook voor nectar voor de insecten. Het is nu het ideale moment om bollen te planten en dus heb ik me dit week-end wat bollen aangekocht.

Zo kocht ik me Narcissus pseudonarcissus, of in het nederlans : Wilde narcis. Deze  inheemse narcis zou ideaal zijn om te verwilderen (ze zouden onder gunstige omstandigheden ook uitzaaien). Deze bollen heb ik gisteren over de gehele fruittuin aangeplant samen een enthousiast mini-Masjke. Narcissen zouden woelmuizen weren.
Verder kocht ik ook heel wat krokussen, ook deze zijn aan de aarde toevertrouwd. Zo heb ik een goede reden om volgend jaar het gras minder vaak te maaien in de fruitkamer.

Om echt een randomeffect te krijgen zou je de bollen eerst moeten rondgooien en daarna uitplanten waar ze terecht zijn gekomen. Ik heb zelf een ander algorithme gebruikt. Ik ben benieuwd of ik zo voldoende random heb aangeplant. Dat zien we volgend jaar dan wel weer.

Na het bollen planten een snelle douche genomen, mijn stem gaan uitbrengenn een hap gegeten en vertrokken naar mijn telbureau. In Tienen wordt nog met potlood gestemd. Het tellen gebeurt met behulp van twee PC’s waarin alle stembiljetten dubbel worden ingegeven: steeds één bijzitter die voorleest (4 ‘SPA’ 1- 4 – 5 – 8 -12 bevestigen 7 CD&V 1 – 3 -31 bevestigen 2 – NVA – lijststem bevestigen …) en één die intypt op een PC met touchscreen. Zet zo vier stembureau’s (6 mensen per bureau) samen in een redelijk beperkte en onvoldoende verluchte ruimte, voeg er nog eens 4 getuigen per bureau aan toe die wat staan te keuvelen of te telefoneren met hun ‘hoofdkwartier’ en je hebt een perfect recept voor een ideale avond. Ons bureau heeft tot 21h00 geteld en was dan nog als één van de eerste bureau’s klaar. Toch nog enkele leuke mensen tegengekomen, waaronder een collega-voorzitter die al voor de vijftiende keer opgeroepen was als voorzitter.

Bollen planten is in ieder geval leuker dan bollekes tellen.

Zompig

“Ik zoek bloembollen om in een veldje Vinca minor te zetten” vraagt een vrouw aan één van de vele bloembollenstanden.
“Dan zou ik zeker voor één van deze krokussen gaan, die zijn erg geschikt om te verwilderen” zegt de standhouder.
“Verwilderen? Dat wil ik niet hoor” zegt de vrouw verbolgen.”Ik wil wel dat mijn tuin netjes blijft”.
Ik hoor standhouder nog uitleggen wat het verwilderen van bloembollen betekent terwijl ik verder zoek naar wat ik zoek…

Dit week-end waren het opnieuw parkdagen in Beervelde. De weergoden waren ons alvast niet gunstig gezind, maar aangezien ik enkele planten op voorhand had besteld was ik zowat verplicht om af te zakken naar het doornatte park van Beervelde. Gezien mijn status van telbureauvoorzitter kon ik mijn bezoek ook niet verschuiven naar morgen.
Als je daar dan rondloopt krijg je medelijden met die standhouders die heel wat planten/materiaal aansleuren met het oog op wat extra omzet. In vergelijking met de voorbije edities was er een pak minder volk.

Naast een pak bloembollen heb ik mijn twee nashi-peren, enkele stokken van de framboos ‘Octavia’ (ter vervanging van de ter ziele gegane ‘Polka’) en enkele vlinderlokkers aangekocht.

En ook nog wat zaadjes voor een zéér beperkt moestuintje (radijsjes, een extra pompoenensoort; nog een courgetteras bij en een zakje suikermaïs gezien de vele positieve reacties die ik in blogland heb gelezen).

Briefje

Blauwbes

Vrijdag moest ik voor het werk weer naar Parijs. Toen ik vrijdagavond laat terug thuis kwam, lag er een briefje van mijn zoon klaar : ‘Papa de haan (Sylvio) ziet er niet goed uit. Kan jij er eens naar kijken?’.
Het was al donker, toch nog even gaan kijken met een zaklamp. In het nachthok zag ik niet alleen de haan maar ook de twee zilverbrakels op de grond zitten, duidelijk onder de kippenpokken.

Toen ik zatermorgen naar het kippenhok ging, zat Sylvio nog in het hok. Een bezoekje aan de dierenarts bevestigde mijn hypothese, en voor Sylvio kwam alle hulp te laat. Kippenpokken treffen vooral zwakke dieren, Sylvio en de twee zilverbrakels zaten midden in de rui en zijn dan kwetsbaar. ’t Gaat dan ook erg snel, want vorig week-end leek het dier nog fit.
De zilverbrakels zitten nu afgezonderd en worden goed verzorgd. Ik hoop dat ik die er door krijg.

Verder niet veel te melden alleen dat het hier herfst is, en dat steeds meer planten rode, gouden en bruine herfstkleuren vertonen.

Maar mijn favoriete gouden vlek uit de tuin is al gevallen…

Stom(me) Kieke(ns)

In de winter gaat de deur van de kippenren wijd open. Aangezien onze tuin helemaal omheind is, kunnen de dieren niet in de tuinen van de buren terecht komen of onder een auto lopen.
Door hun wandelingen doorheen de tuin dragen de kippen bij tot de biologische beheer in de tuin (ze wroeten dat het een lieve lust is in de mulch rondom de frambozen en kruisbessen).
Een extra voordeel is dat de kippen minder tijd doorbrengen in de kippenren zodat het groen daar opnieuw wat meer kan opschieten. 100m² kippenren is duidelijk onvoldoende met die vijf extra kuikens, en ik wil echt wel een groene ren….

Moeder kloek met kuikens op stap tussen de kruisbessen

Ze maken echt wel rommel, maar dat neem ik wel bij. Ook het occasionele plantje dat ze beschadigen kan volgens mij niet echt kwaad meer aangezien alle planten zich toch langzaam voorbereiden op de winter.

De mulch ligt na het gewroet van de kippen niet alleen in de bakken.

Eén ding had dit stom kieke wel over het hoofd gezien. Er stonden nog veenbessen in de tuin die ik nog moest oogsten. De plant(en) staat als bodembedekker tussen de blauwbessen, en zijn vorig zomer aangeplant in ingegraven metserskuipen met wat turf en compost. De planten zijn dit jaar zeer goed gegroeid.

Veenbes

Vorig jaar droegen de drie veenbesplanten exact 1 bes. Dit jaar had ik al heel wat meer veenbessen op de struikjes staan. Nog niet meteen een oogst om wild van te worden of confituur van te maken, maar toch…

De kippen dachten die besjes lekker te vinden. Die stomme kiekens hebben in zowat alle veenbessen gepikt, maar vonden ze dus duidelijk te zuur. Zo hou ik nog 3 rijpe veenbessen over…

Mijn veenbessenoogst van 2012

Volgend jaar blijven de kippen dus langer in de ren, totdat de veenbessen geplukt zijn.

Vlinders!

Na twee weken met miezerig weer is zo’n zonnig week-end gewoon één groot feest. Alsof de zomer die net afgelopen is toch nog eens heropflakkert.
De insekten gebruiken dit weer als een uitgelezen kans om nog wat energie op te doen voor het nog kouder wordt.
Nu de klimop in bloei staat, zie je geen bij meer op de andere bloemen, maar dit week-end des te meer vlinders. Een vijftal dagpauwogen, vier gehakkelde aurelia’s, één atalanta, één kleine vos en enkele grote koolwitjes heb ik geteld.

Eigenlijk al een iets oudere foto, koolwitjes hadden geen zin om te poseren
En terwijl de vlinders voornamelijk foerageren op Verbena bonariensis (ook al doen bovenstaande foto’s anders vermoeden), zaten de zweefvliegen met zijn allen verzameld op Aster ‘Little Carlow’, terwijl de vlinders daar van weg blijven.

Veilig werken in de tuin

Ook al klagen we als tuinier graag over het weer (ik zondig er ook wel eens aan), we hebben hier een fantastisch klimaat: de zomers niet té warm en té droog, de winters niet té koud. Door mijn interesse in hosta heb ik wat contact met tuiniers uit de USA. Terwijl de golfstroom een positive impact heeft op ons klimaat, is dat niet zo voor de USA. En dus klagen ze steen en been over polaire winters en droge, hete zomers .

En dat is niet het enigste voordeel hier. Je vindt in onze tuinen niet direct levensbedreigende dieren of planten, hooguit een vervelende wesp of wat storende brandnetels . Dat is elders in de wereld wel anders…

En dus vormen we zelf het grootste gevaar voor onze veiligheid in de tuin. We staan er niet altijd bij stil, maar er vallen ieder jaar vele (zwaar)gewonden bij het tuinieren. Zelf ken ik twee mensen met een litteken in hun gezicht ten gevolge een ongeval met een kettingzaag. Een oud-directeur van me is bij het plukken van fruit van de ladder gevallen. Hij heeft daarna nooit meer in zijn tuin gewerkt. Er is ieder jaar wel iemand die een dodelijke val maakt van een ladder of verpletterd wordt door een boom.

De dalende trend van arbeidsongevallen toont aan dat met wat extra aandacht veel leed kan voorkomen worden. Enkele voorzorgsmaatregelen die ook jouw veiligheid ten goede komen.
De basisregel bij alle werk is na te denken voor je eraan begint. Wat kan er mislopen? Heb ik de juiste beschermingsmaatregels genomen?  Beschik ik over de juiste vaardigheden om dat werkje uit te voeren?

  1. Val
    Ladders zijn eigenlijk alleen bestemd om hoogteverschillen te overbruggen. Ze mogen volgens het KB van 31 augustus 2005 ook gebruikt worden als werkpost voor korte klussen of wanneer het onmogelijk is om andere veiligheidsmiddelen in te zetten (arbeidswetgeving).
    Het gebruik van een ladder bij snoeiwerkzaamheden is niet zonder risico. De tuingrond is niet altijd stabiel, je ladder is waarschijnlijk niet conform met de huidige veiligheidsvoorschriften…
    Als je dan toch een ladder gebruikt, zorg dan dat ze stabiel staat. Hang ook niet de aap uit, boven in die ladder. En gebruik liever een snoeizaag met een lange steel.
  2. Snoeien
    Een goede snoeischaar is scherp. Voldoende scherp om snel een gapende wonde in je vingers te snijden. Draag geschikte handschoenen tijdens het (snoei)werk.
    Snoeizagen zijn vlijmscherp. Je wilt echt niet in je handen of onderarm zagen. Dus handschoenen en kledij met lange mouwen dragen.
    Stop je snoeischaar niet achteloos in je zakken, maar schaf je een holster aan om ze veilig in weg te bergen.
  3. Ogen
    Ogen zijn kwetsbaar. Ik zet voor een aantal werkzaamheden een veiligheidsbril op.  Vooral bij het snoeien en manipuleren van takken (composthoop omzetten) durft er wel eens een tak in je gezicht te veren. Zem heeft niet zolang geleden een stukje geschreven over het gevaar van steunstokken van planten en haar oplossing…
  4. Ik draag altijd veiligheidsschoenen wanneer ik met een spade werk. Ik heb ooit een riek in mijn schoen gestoken toen ik een jaar of 14 was, maar de pin van de riek is toen tussen de derde en vierde  teen beland. Ik heb toen geluk gehad.
  5. Dat toestellen als een kettingzaag en bosmaaier of gereedschap als een zeis, bijl en kapmes met de nodige voorzichtigheid moeten gehanteerd worden spreekt voor zich, maar deze tekst zou niet compleet zijn zonder het te vermelden. Berg die spullen ook veilig weg voor je kinderen (lees puntje vier nogmaals, ik mocht die riek eigenlijk niet gebruiken van mijn ouders).
  6. Werk nooit alleen wanneer je op een ladder werkt of wanneer je met een kettingzaag, bosmaaier,… werkt. Je gezelschap kan onmiddellijk hulp roepen als er iets misloopt
Voilà. Doe er mee wat je wil. Voorkomen is beter dan genezen. Ik ga nu stoppen met zeuren. Nu ga ik het gras afrijden. En dan draag ik mijn veiligheidsschoenen, gehoorbescherming, handschoenen en mijn veiligheidsbril.